Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
.Zij stelt daarbij - kort weergegeven - dat [verweerster] blijkens de jaarrekening over het jaar 2021 maar zeer beperkte liquiditeiten heeft en geen activiteiten of andere verdiencapaciteit ontplooit om (in de toekomst) alsnog aan toereikende liquiditeiten of vermogen te komen om de vorderingen van [appellant 1] integraal te voldoen. Dit maakt dat [appellant 1] concludeert dat [verweerster] verkeert in een toestand dat zij is opgehouden te betalen.
4.De uitspraak
[verweerster] B.V., gevestigd en kantoorhoudende te [postcode] [vestigingsplaats / kantoorplaats] aan [adres] , in staat van faillissement;