Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
- ‘bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd’ (feit 1),
- ‘zich in het openbaar bij geschrift opzettelijk beledigend uitlaten over een groep mensen wegens hun ras, meermalen gepleegd’ (feit 2),
hij in of omstreeks de periode van 1 juni 2020 tot en met 1 februari 2021 te Tilburg, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal [benadeelde] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of zware mishandeling, door één of meerdere brieven te versturen aan die [benadeelde] , zich voordoende als de motorvrienden van [verdachte] , met de tekst
hij in of omstreeks de periode van 1 juni 2020 tot en met 1 februari 2021 te Tilburg, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, opzettelijk [benadeelde] , schriftelijk per toegezonden of aangeboden brief heeft beledigd, door haar de woorden toe te voegen:
Het proces-verbaal van aangifte d.d. 24 augustus 2020 (pg. 3 en 4), voor zover inhoudende als verklaring van aangeefster [benadeelde] :
Het proces-verbaal van verhoor aangeefster d.d. 7 november 2020 (pg. 7 en 8), voor zover inhoudende als verklaring van aangeefster [benadeelde] :
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 16 november 2020 (pg. 9), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 1] :
het hof begrijpt: 24 augustus 2020) en 7 november 2020 deed [benadeelde] aangifte van bedreiging en discriminatie. Deze bedreigingen en discriminerende opmerkingen werden benoemd in brieven welke aangeefster thuis gestuurd kreeg. De naam en het adres van aangeefster waren erop geplakt met een stickerlabel. Zowel de brieven als de label waren digitaal opgemaakt.
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 februari 2021 (pg. 16), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 1] :
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 november 2021 (pg. 17 en 18), voor
zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 1] :
Een geschrift, te weten een brief, bijgevoegd als bijlage A (pg. 25), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten brief, bijgevoegd als bijlage B (pg. 26 en 27), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een brief, bijgevoegd als bijlage C (pg. 28 tot en met 31), voor zover inhoudende:
Een geschrift, te weten een brief, bijgevoegd als bijlage E, (pg. 25), voor zover inhoudende:
Een geschrift, zijnde een brief, bijgevoegd als bijlage D (pg. 32 tot en met 34), voor zover inhoudende:
Het proces-verbaal van verhoor d.d. 22 februari 2021 (pg. 19 tot en met 23), voor zover inhoudende als weergave van verhoor van verdachte [verdachte] :
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd,
eenvoudige belediging, meermalen gepleegd.
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij bepalen dat gijzeling voor na te melden duur kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid niet opheft.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) weken;
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;
taakstrafvoor de duur van
50 (vijftig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
25 (vijfentwintig) dagen hechtenis;
dadelijk uitvoerbaaris;
€ 1.000,00 (zegge: duizend euro)aan immateriële schadevergoeding, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 december 2020 tot aan de dag der voldoening;
€ 1.000,00 (zegge: duizend euro)als vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 december 2020 tot aan de dag der voldoening, en bepaalt dat gijzeling voor de duur van 20 (twintig) dagen kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid van de schadevergoeding aan de Staat der Nederland niet opheft;