ECLI:NL:GHSHE:2022:3187

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
17 augustus 2022
Publicatiedatum
19 september 2022
Zaaknummer
20-002804-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 SrArt. 63 Sr
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging taakstraf wegens bedreiging met misdrijf tegen het leven

In hoger beroep heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het vonnis van de politierechter bevestigd waarin verdachte werd veroordeeld voor bedreiging met een misdrijf tegen het leven. De politierechter had een taakstraf van 60 uren opgelegd, met subsidiaire hechtenis van 30 dagen.

De verdediging heeft primair vrijspraak gevorderd en subsidiair een strafmaatverweer gevoerd. Het hof heeft de vordering van de advocaat-generaal gevolgd en het vonnis bekrachtigd met een aanvulling van de toepasselijke wettelijke voorschriften, waaronder de artikelen 9 en 63 van het Wetboek van Strafrecht.

Het hof baseerde zich op het dossier, waaronder de processen-verbaal, de verklaring van verdachte en die van de aangeefster. De gronden van het vonnis zijn verenigd en aangevuld, waarna het arrest op 17 augustus 2022 ter openbare terechtzitting is uitgesproken.

Uitkomst: Bevestiging van de taakstraf van 60 uren, subsidiair 30 dagen hechtenis wegens bedreiging.

Uitspraak

TEGENSPRAAK (ex art. 279 Sv Pro)

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 15 november 2021, in de strafzaak met parketnummer 02-037065-21 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1989,
wonende te [adres] .
Hoger beroep
De politierechter heeft de verdachte bij vonnis waarvan beroep ter zake van ‘bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht’ veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 60 uren, subsidiair 30 dagen hechtenis.
Namens de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen met aanvulling van gronden, te weten met
  • de processen-verbaal van bevindingen, dossierpagina’s 17-18;
  • de afgelegde verklaring van de verdachte bij de politie, dossierpagina’s 23-27;
  • de afgelegde verklaring van de aangeefster ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdediging heeft primair vrijspraak bepleit. Subsidiair, indien het hof komt tot een bewezenverklaring, heeft de verdediging een strafmaatverweer gevoerd.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis en met de gronden waarop dit berust met aanvulling van de toepasselijke wettelijke voorschriften.
Aanvulling toepasselijke wettelijke voorschriften
Het hof vult de toepasselijke wettelijke voorschriften aan met de artikelen 9 en 63 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Aldus gewezen door:
mr. S.C. van Duijn, voorzitter,
mr. M.C.C. van de Schepop en mr. H.A.T.G. Koning, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. C.E.C.N. Schlüter, griffier,
en op 17 augustus 2022 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. M.C.C. van de Schepop en mr. H.A.T.G. Koning zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.