Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het verloop van de procedure
- [appellant] , bijgestaan door mr. Goltstein en
- de heer [bestuurder] (bestuurder) namens de VvE, bijgestaan door mr. Besselink.
2.De beoordeling
- [appellant] is sinds 20 januari 1998 eigenaar van de appartementsrechten staande en gelegen aan de [adres 3] en [adres 4] te [vestigingsplaats] . Ook is [appellant] eigenaar en/of mede-eigenaar van enige appartementsrechten zonder huisnummer te [vestigingsplaats] , zijnde bergingen en/of parkeerplaatsen, als horend bij genoemde appartementen. [appellant] is van rechtswege lid van de VvE.
- De VvE heeft onweersproken gesteld dat [appellant] in het verleden al eerder betalingsachterstanden heeft laten ontstaan in de door hem verschuldigde voorschotbijdragen jegens de VvE, die hebben geleid tot vonnissen van
- Bij e-mail van 4 maart 2021 heeft de gemachtigde namens de VvE aan [appellant] meegedeeld dat de Betalingsregeling wegens niet nakoming is vervallen en dat het op dat moment openstaande bedrag van € 30.840,63 volledig wordt opgeëist. In de daaropvolgende correspondentie heeft de VvE een (door [appellant] gestelde) nieuwe betalingsregeling van € 300,00 per maand ontkend respectievelijk van de hand gewezen.
- Op de algemene ledenvergadering (ALV) van 23 september 2021, waar [appellant] niet aanwezig was, ook niet via een gemachtigde, is door de meerderheid van de leden (47 van de 76 stemmen (61,8%) waren vertegenwoordigd) unaniem besloten om de bestuurder van de VvE te machtigen de vervolgprocedure in te zetten om te komen tot een openbare verkoop van de appartementen gelegen aan de [adres 3] en [adres 4] te [vestigingsplaats] als gevolg van het niet voldoen aan zijn betalingsverplichtingen aan de VvE. In de notulen van deze vergadering staat, voor zover relevant, het volgende vermeld:
- Bij verzoekschrift, ingekomen bij de rechtbank Limburg op 20 oktober 2021, heeft [appellant] verzocht om het hiervoor vermelde, onder punt 10 van de besluitenlijst genoemde besluit van de VvE van 23 september 2021 nietig te verklaren althans te vernietigen. Ook is verzocht het gewraakte besluit, voor zover niet nietig maar vernietigbaar, te schorsen totdat op het onderhavige verzoek onherroepelijk is beslist.
- Bij beschikking van de rechtbank Limburg van 12 april 2022 heeft de kantonrechter de verzoeken van [appellant] afgewezen. De kantonrechter heeft – kort weergegeven – geoordeeld dat van een nietig besluit ex artikel 2:14 BW Pro geen sprake is, omdat het besluit van de ALV van 23 september 2021 rechtsgeldig en met een meerderheid van stemmen is genomen. De kantonrechter heeft daarnaast geoordeeld dat niet kan worden geoordeeld dat het VvE-besluit een besluit is dat een redelijk handelende ledenvergadering van een VvE bij afweging van de betrokken belangen niet had kunnen nemen. Verder geldt volgens de kantonrechter dat niet geoordeeld kan worden dat de VvE zonder redelijke grond in strijd met het bepaalde in artikel 2:15 lid 1 BW Pro heeft gehandeld. Het besluit is door de kantonrechter daarom niet vernietigd op de door [appellant] aangevoerde grond dat het in strijd met de redelijkheid en billijkheid zou zijn genomen.
Dit alles maakt naar het oordeel van het hof dat het bestreden VvE-besluit niet vernietigd moet worden wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid.
Dat de VvE tekortschiet in het plegen van onderhoud en/of herstel aan een gemeenschappelijke (vuilwater)afvoer van het appartement nr. [adres 4] en dat [appellant] daardoor schade lijdt, is het hof dus niet gebleken.