Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Stichting Scheldekat,gevestigd te Vlissingen,
[geïntimeerde 2] ,wonende te Vlissingen,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer 8990611 / CV EXPL 21-233)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- het tegen [geïntimeerden] verleende verstek;
- de memorie van grieven met producties 16 tot en met 24.
3.De beoordeling
samen met een collega 21 katten gevangen in
“Re: [chipnummer] ISSO”als volgt bericht:
- € 7.000,-- aan schadevergoeding wegens de vermissing van de zeven katten van [appellant] ;
- € 1.000,-- ter zake (vergeefs) gemaakte kosten voor het opsporen van de zeven katten (aldus het gestelde in de 3e en 4e regel van “DEEL 5” van de inleidende dagvaarding, hoewel deze kosten verderop onder “D. SPECIFICATIE VORDERING” worden aangeduid als “buitengerechtelijke invorderingskosten”);
- Er is niet komen vast te staan dat tussen [appellant] en Scheldekat een overeenkomst van opdracht is gesloten die inhield dat Scheldekat gedurende de detentie van [appellant] voor de katten van [appellant] zou zorgen (rov. 4.1).
- Dat Scheldekat kater Isso, die zij in december 2019 heeft gevangen en die op dat moment niet was geregistreerd in het NDG, heeft teruggezet zonder een verdere zoektocht naar de eigenaar van Isso te starten, is niet onrechtmatig (rov. 4.2).
- Of en in hoeverre Scheldekat een of meer andere katten van [appellant] bij derden heeft geplaatst, kan in het midden blijven. Omdat [appellant] die katten niet van een chip heeft voorzien en niet deugdelijk heeft laten registreren, valt niet in te zien dat Scheldekat had moeten begrijpen dat de katten van [appellant] waren. Van een aan Scheldekat toerekenbare onrechtmatige daad is dus geen sprake (rov. 4.5).
- Reeds omdat van een tekortkoming of onrechtmatige daad van Scheldekat geen sprake is, moet de vordering tegen [geïntimeerde 2] worden afgewezen (rov. 4.7).
- [appellant] heeft, nadat hij op 1 december 2019 in hechtenis was genomen, op of omstreeks 4 december 2019 voor het eerst telefonisch contact opgenomen met Scheldekat. [appellant] heeft tijdens het vervolg van zijn hechtenis, die tot 29 maart 2020 duurde, ook veelvuldig (aanvankelijk dagelijks) telefonisch contact opgenomen met Scheldekat.
- [appellant] heeft aan Scheldekat verzocht om, zolang hij daartoe zelf niet in staat was, zijn zeven katten dagelijks te voederen.
- Scheldekat heeft bij herhaling toegezegd dat te zullen doen, en Scheldekat heeft ook toegezegd toe te zien op het welzijn van de katten. Scheldekat zou deze taken verrichten zolang [appellant] vanwege zijn hechtenis niet aanwezig kon zijn.
- [appellant] heeft uit de telefonische contacten in elk geval begrepen dat dit was overeengekomen, en hij heeft dat mogen begrijpen.
- [appellant] had uitdrukkelijk aangegeven dat het verboden was de katten in opvang te nemen ten behoeve van adoptie van de katten door derden.
- de kater met de naam Isso;
- de poes met de naam Beige;
- de andere vijf katten van [appellant] .