Uitspraak
Parketnummer: 20-001222-20
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
- bewezen zal verklaren hetgeen aan de verdachte primair is tenlastegelegd;
- de verdachte zal veroordelen tot jeugddetentie voor de duur van 17 maanden met aftrek van het voorarrest;
- aan de verdachte zal opleggen een onvoorwaardelijke PIJ-maatregel waarbij is bepaald dat de maatregel is opgelegd ten aanzien van een misdrijf dat is gericht tegen en gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van één of meer personen. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat in geval het hof besluit tot oplegging van een voorwaardelijke PIJ-maatregel, deze dadelijk uitvoerbaar wordt verklaard;
- de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 1] gedeeltelijk zal toewijzen tot een bedrag ter hoogte van € 4.746,72 aan materiële schade;
- de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 2] gedeeltelijk zal toewijzen tot een bedrag ter hoogte van € 2.080,85 aan materiële schade;
- de vorderingen van de benadeelde partijen [benadeelde partij 3] , [benadeelde partij 4] , [benadeelde partij 5] , [benadeelde partij 6] , [benadeelde partij 7] en [benadeelde partij 8] niet-ontvankelijk te verklaren.
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 december 2018 (pagina’s 569-570), voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] :
Het proces-verbaal aanhouding d.d. 26 december 2018 (pagina’s 250-251), voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 3] :
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 december 2018 (pagina’s 572-573), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 2] :
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 december 2018 (pagina’s 256-257), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 4] :
Het proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 26 december 2018 (pagina’s 636-641), voor zover inhoudende als verklaring van [getuige 1] :
Het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 26 december 2018 (pagina’s 289-298), voor zover inhoudende als verklaring van [verdachte] :
V Vraag verbalisant
Het proces-verbaal van verhoor verdachte toetsing rechtmatigheid inverzekeringstelling en vordering tot bewaring d.d. 28 december 2018 (pagina’s 270-272), voor zover inhoudende als verklaring van verdachte [verdachte] :
Het proces-verbaal van de zitting, gehouden met gesloten deuren, op 26 mei 2020, voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte [verdachte]:
(het hof begrijpt: [slachtoffer] )aan met mijn voet om hem wakker te krijgen, maar ik kreeg geen reactie.
Het proces-verbaal van verhoor getuige afgelegd ten overstaan van de raadsheer-commissaris d.d. 17 februari 2022, voor zover inhoudende als verklaring van [getuige 3] :
(het hof begrijpt telkens: [slachtoffer] ). Zij waren aan het duwen en toen pakte [verdachte] het mes. Ik heb geprobeerd het mes af te pakken en toen zag ik dat [verdachte] recht op [slachtoffer] afliep met het mes.
Het proces-verbaal van verhoor getuige afgelegd ten overstaan van de raadsheer-commissaris d.d. 17 februari 2022, voor zover inhoudende als verklaring van [getuige 2] :
Het hof begrijpt: [getuige 3] )werd gevraagd om weg te gaan naar aanleiding van de ruzie tussen [verdachte] en [slachtoffer]
(het hof begrijpt telkens: [slachtoffer] ). Ik ben naar buiten gegaan door de voordeur en toen ik bij de voordeur stond, kwam [slachtoffer] naar beneden en die zei: ik ben gestoken. Er zat een korte periode tussen het moment dat ik bij de voordeur stond en [slachtoffer] naar beneden kwam.
(Het hof begrijpt dat de getuige in deze alinea weer terug gaat naar het moment binnen in het appartement van [getuige 3] )
Het rapport Pathologieonderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet natuurlijke dood d.d. 23 januari 2019, Forensische Opsporing Politie Zeeland-West-Brabant, Onderzoek [onderzoeksnaam] , BVH nr. 2018303252 (pagina’s 288-294), voor zover inhoudende en opgesteld door dr. H.H. de Boer, arts en patholoog:
Resultaten
- Breuken van de rechteroogkas, de rechterkaakholte en de bovenkaak
- Afwezige snijtanden rechtsboven (elementen 1.1 en 1.2).
Interpretatie van resultaten
Conclusie
Het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut te Den Haag ‘Bloedspoorpatroononderzoek, onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van een steekincident met dodelijke afloop in Vlissingen op 26 december 2018’ d.d. 23 november 2021 met zaaknummer 2018.12.27.077 (aanvraag 014), voor zover inhoudende als relaas van rapporteurs ing. L. Meijerink en dr. S. van Soest:
Het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut te Den Haag ‘Interdisciplinair rapport van de NFI-onderzoeken naar aanleiding van een steekincident met dodelijke afloop in Vlissingen op 26 december 2018’ d.d. 15 december 2021 met zaaknummer 2018.12.27.077, aanvraagnummer 014, voor zover inhoudende als relaas van rapporteur drs. J.A. de Koeijer:
Het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut te Den Haag ‘Onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van een steekincident met dodelijke afloop in Vlissingen op 26 december 2018’ d.d. 29 maart 2019 met zaaknummer 2018.12.27.077, aanvraagnummers 002, 003 en 004, voor zover inhoudende als relaas van rapporteur dr. S. van Soest (pagina’s 716 t/m 719):
Het op ambtseed opgemaakt proces-verbaal van 1 februari 2019, opgenomen als pagina’s 541 - 552 in voornoemd eindproces-verbaal, voor zover inhoudende het verhoor van verdachte [getuige 2] :
(het hof begrijpt telkens: [slachtoffer] )in de deuropening. Op dat moment kwam [verdachte]
(het hof begrijpt: verdachte)naar beneden gerend en sloeg [slachtoffer] met een wodkafles van Smirnoff op [slachtoffer] zijn hoofd. (...) [slachtoffer] zakte door zijn knieën. De fles was kapot als ik het goed heb. (...) [verdachte] rende weer naar buiten en trapte vier keer tegen het hoofd van [slachtoffer] . (...) [verdachte] trapte vier keer. De eerste keer met een aanloop. (...) [verdachte] trapte heel hard. Hij nam een aanloop en bleef trappen. Als u vraagt in wat voor een mate dan zeg ik u dat dat niet zacht was. (...)
Het proces-verbaal forensisch onderzoek woning [adres 3] Vlissingen (pagina’s 34-50), voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 5] , [verbalisant 6] en [verbalisant 7] van het Team Forensische Opsporing van politie Eenheid Zeeland-West-Brabant:
Het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut te Den Haag ‘Interdisciplinair rapport van de NFI-onderzoeken naar aanleiding van een steekincident met dodelijke afloop in Vlissingen op 26 december 2018’ d.d. 10 november 2021 met zaaknummer 2018.12.27.077, aanvraagnummer 014, voor zover inhoudende als relaas van rapporteur D. Botter, forensisch arts KNMG:
Het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut te Den Haag ‘DNA-onderzoek, naar aanleiding van een steekincident met dodelijke afloop in Vlissingen op 26 december 2018’ d.d. 1 april 2019 met zaaknummer 2018.12.27.077 (aanvraag 005), voor zover inhoudende als relaas van rapporteur dr. S. van Soest (pagina’s 713-715):
Het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 4 januari 2019 (pagina’s 300-308), voor zover inhoudende als verklaring van [verdachte] :
Het proces-verbaal Sporenonderzoek, van het Team Forensische Opsporing van politie Eenheid Zeeland-West-Brabant (pagina’s 167 -170), voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 8] , brigadier van politie:
Algemene bewijsoverwegingen
Bijzondere bewijsoverwegingen
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij geen gijzeling opleggen nu verdachte ten tijde van het plegen van het delict minderjarige was.
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij geen gijzeling opleggen nu verdachte ten tijde van het plegen van het delict minderjarige was.
BESLISSING
21 (eenentwintig) maanden.
Gelast de plaatsing van de verdachte in een inrichting voor jeugdigen.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 2 (twee) jaren ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met het vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang als de reclasseringsinstelling dat noodzakelijk acht daaronder begrepen, of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen, dan wel na te noemen bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd.
Vordering van [benadeelde partij 3]
Vordering van [benadeelde partij 4]
Vordering van [benadeelde partij 2]
€ 2.003,89 (tweeduizend drie euro en negenentachtig cent) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 december 2018 tot aan de dag der voldoening.
€ 76,96 (zesenzeventig euro en zesennegentig cent) aan materiële schadeaf.
Vordering van [benadeelde partij 5]
Vordering van [benadeelde partij 6]
Vordering van [benadeelde partij 7]
Vordering van [benadeelde partij 1]
€ 24.746,72 (vierentwintigduizend zevenhonderdzesenveertig euro en tweeënzeventig cent) bestaande uit € 4.746,72 (vierduizend zevenhonderdzesenveertig euro en tweeënzeventig cent) materiële schade en € 20.000,00 (twintigduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 december 2018 tot aan de dag der voldoening.