In deze strafzaak werd het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de politierechter te Breda van 12 juli 2021. De verdachte werd veroordeeld onder parketnummer 96-274557-20. Het hof heeft het vonnis vernietigd voor zover het de straf betreft en heeft in die zin opnieuw recht gedaan.
De opgelegde straf bestaat uit een gevangenisstraf van twee jaar, waarvan de uitvoering wordt opgeschort onder voorwaarde van een proeftijd. Daarnaast is een taakstraf van dertig uur opgelegd, die bij niet-nakoming wordt vervangen door vijftien dagen hechtenis. Voor het overige bevestigt het hof het vonnis van de politierechter.
Het arrest is mondeling gewezen op 18 maart 2022 door de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch. De beslissing houdt in dat de verdachte onder strikte voorwaarden wordt veroordeeld, waarbij de gevangenisstraf niet direct wordt uitgevoerd tenzij binnen de proeftijd een nieuw strafbaar feit wordt gepleegd.