ECLI:NL:GHSHE:2022:2534

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
11 maart 2022
Publicatiedatum
25 juli 2022
Zaaknummer
20-001408-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging vonnis politierechter in hoger beroep strafzaak

In deze strafzaak heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het hoger beroep behandeld dat was ingesteld tegen het vonnis van de politierechter te Middelburg van 25 mei 2021. De zaak betrof een verdachte geboren in 1989 en woonachtig te een adres. Na behandeling van het beroep heeft het hof het vonnis van de politierechter bevestigd en de gronden van het vonnis aangevuld.

De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof op 11 maart 2022. Er is geen inhoudelijke wijziging in het vonnis aangebracht, maar de motivering is uitgebreid. Het arrest is mondeling gewezen door mr. C.P.J. Scheele en uitgesproken in een openbare terechtzitting.

Er is geen nadere informatie over de feiten, het bewijs of de strafoplegging in het arrest opgenomen. Het arrest is gepubliceerd in verband met een ingesteld cassatieberoep, maar de inhoudelijke beoordeling van het hof blijft ongewijzigd ten opzichte van het vonnis van de politierechter.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt het vonnis van de politierechter met aanvulling van de gronden.

Uitspraak

Parketnummer: 20-001408-21

Uitspraak : 11 maart 2022
TEGENSPRAAK (art 279 Sv Pro)
Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof, gewezen op het beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingslocatie Middelburg, van 25 mei 2021, in de strafzaak onder parketnummer 02-046051-21 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1989,
wonende te [adres] .

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met aanvulling van de gronden.
Dit arrest is mondeling gewezen door mr. C.P.J. Scheele.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 11 maart 2022.