Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
,
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De moeder verzocht het gerechtshof om het gezamenlijk gezag over haar minderjarige kind te wijzigen in eenhoofdig gezag ten gunste van haarzelf en om de verplichting tot het jaarlijks verstrekken van een recente foto aan de vader te laten vervallen. De rechtbank Limburg had eerder het gezamenlijk gezag gehandhaafd en de moeder verplicht een jaarlijkse foto te sturen.
In hoger beroep betoogde de moeder dat de vader niet tijdig meewerkt aan belangrijke beslissingen en dat het sturen van een foto het veiligheidsgevoel van het kind schaadt. De vader stelde dat hij wel meewerkt, dat er sprake is van ouderverstoting door de moeder en dat hij graag contact wil, inclusief het ontvangen van een foto. De Gecertificeerde Instelling en de Raad voor de Kinderbescherming onderschreven het belang van gezamenlijk gezag en informatieverstrekking.
Het hof oordeelde dat geen onaanvaardbaar risico bestaat dat het kind klem raakt tussen de ouders en dat het gezamenlijk gezag in het belang van het kind dient te worden gehandhaafd. Het verzoek tot eenhoofdig gezag werd afgewezen omdat dit het negatieve beeld van de vader zou bevestigen en het contact zou kunnen beëindigen. De verplichting tot het jaarlijks verstrekken van een recente foto werd gehandhaafd, ondanks de angst van het kind, omdat het belang van de vader om geïnformeerd te blijven zwaarder woog.
Het hof benadrukte het belang van hulpverlening om de communicatie tussen ouders te verbeteren, rekening houdend met de beperkingen van de vader. De minderjarige werd gehoord en zijn mening werd meegewogen, maar het belang van het kind werd als leidend beschouwd. De beschikking van de rechtbank werd bekrachtigd en het verzoek van de moeder afgewezen.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de moeder tot eenhoofdig gezag af en bekrachtigt het gezamenlijk gezag met de verplichting tot het jaarlijks verstrekken van een recente foto aan de vader.