ECLI:NL:GHSHE:2022:1146
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard verzoek toelating wettelijke schuldsanering
Appellant verzocht bij de rechtbank om toelating tot de wettelijke schuldsanering (WSNP). De rechtbank verklaarde het verzoek niet-ontvankelijk omdat appellant niet de vereiste stukken ex artikel 285 Faillissementswet Pro had overgelegd en niet was verschenen bij de zitting, ondanks correcte oproeping.
Appellant ging in hoger beroep en voerde aan dat hij door het ontbreken van een DigiD-code en tijdelijke uitschrijving uit de Basisregistratie Personen niet in staat was de stukken tijdig aan te leveren. Inmiddels was hij weer ingeschreven en beschikte hij over een DigiD, maar hij verscheen niet bij de mondelinge behandeling in hoger beroep.
Het hof oordeelde dat appellant ontvankelijk was in hoger beroep, maar constateerde dat ook in hoger beroep de vereiste stukken ontbraken en appellant niet was verschenen om zijn verzoek toe te lichten. Het hof stelde dat dit voor rekening en risico van appellant kwam.
Daarom bekrachtigde het hof het vonnis van de rechtbank en verklaarde het verzoek tot toelating tot de schuldsanering niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en verklaart appellant niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsanering.