ECLI:NL:GHSHE:2021:4405

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
25 juni 2021
Publicatiedatum
19 mei 2022
Zaaknummer
20-002179-20
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • A.J.A.M. Nieuwenhuizen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 OpiumwetArt. 11 OpiumwetArt. 9 SrArt. 14a SrArt. 14b Sr
Verwijzingen
9 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep op veroordeling wegens overtreding Opiumwet met taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf

In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Roermond is verdachte veroordeeld voor het opzettelijk handelen in strijd met het verbod van artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet. Het bewezenverklaarde feit vond plaats op 22 juni 2019 te Haelen, gemeente Leudal.

Het hof vernietigde het eerdere vonnis en legde een gevangenisstraf van zes weken op, waarvan de uitvoering werd geschorst onder een proeftijd van twee jaar. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur en 60 dagen hechtenis, waarbij de hechtenis kan worden vervangen indien de taakstraf niet naar behoren wordt verricht.

De beslissing is gebaseerd op de Opiumwet en diverse artikelen van het Wetboek van Strafrecht. Het arrest werd mondeling uitgesproken door de enkelvoudige kamer van het gerechtshof 's-Hertogenbosch op 25 juni 2021.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur, 60 dagen hechtenis en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 weken met een proeftijd van 2 jaar.

Uitspraak

Parketnummer: 20-002179-20

Uitspraak : 25 juni 2021
VERSTEK
Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg, locatie Roermond van
29 januari 2020, in de strafzaak onder parketnummer 03-272297-19 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats/land] op [geboortedag] 1984,
wonende te [adres] .
Kwalificatie
Het bewezenverklaarde levert op:
opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod.
Gepleegd op 22 juni 2019 te Haelen, gemeente Leudal.
Toegepaste wetsartikelen
De beslissing is gegrond op de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet en de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 63 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) weken.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
120 (honderdtwintig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
60 (zestig) dagen hechtenis.
Dit arrest is mondeling gewezen door mr. A.J.A.M. Nieuwenhuizen.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 25 juni 2021.