ECLI:NL:GHSHE:2021:4363

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
13 augustus 2021
Publicatiedatum
24 maart 2022
Zaaknummer
20-001864-20
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 OpiumwetArt. 10 OpiumwetArt. 9 SrArt. 22c SrArt. 22d Sr
Verwijzingen
7 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep wegens opzettelijk handelen in strijd met Opiumwet

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Roermond van 28 augustus 2020. De verdachte werd beschuldigd van opzettelijk handelen in strijd met artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet, gepleegd op 21 maart 2020 te Roermond.

Na beoordeling van de zaak vernietigde het hof het eerdere vonnis en deed opnieuw recht. De verdachte werd veroordeeld tot een taakstraf van 60 uur en 30 dagen hechtenis. Tevens werd een onttrekking aan het verkeer bevolen van de in beslag genomen verdovende middelen. De tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde straf werd gelast.

De advocaat-generaal zag af van het instellen van cassatie. Het arrest werd mondeling uitgesproken door mr. F. van Es op 13 augustus 2021 tijdens een openbare terechtzitting.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 60 uur taakstraf en 30 dagen hechtenis wegens overtreding Opiumwet.

Uitspraak

Parketnummer: 20-001864-20

Uitspraak : 13 augustus 2021
TEGENSPRAAK (art. 279 Sv Pro)
Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg, locatie Roermond, van
28 augustus 2020, in de strafzaak onder parketnummer 03-145566-20 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1995,
wonende te [adres] .
Kwalificatie
Het bewezenverklaarde levert op:
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet gegeven verbod.
Gepleegd op 21 maart 2020 te Roermond.
Toegepaste wetsartikelen
De beslissing is gegrond op de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en de artikelen 9, 22c, 22d en 63 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
60 (zestig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
30 (dertig) dagen hechtenis.
Beveelt de
onttrekking aan het verkeervan de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
- 11 STK verdovende middelen;
- 1 STK verdovende middelen.
Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg, locatie Maastricht, van 25 oktober 2019, gewezen onder parketnummer 03-198850-19, te weten een
gevangenisstrafvoor de duur van
11 (elf) dagen.
De advocaat-generaal doet afstand van zijn recht om beroep in cassatie in te stellen.
Dit arrest is mondeling gewezen door mr. F. van Es.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 13 augustus 2021.