Uitspraak
[minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2015 te [geboorteplaats] .
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De zaak betreft een hoger beroep tegen de verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige die sinds haar geboorte onder toezicht staat van een gecertificeerde instelling (GI). De vader, woonachtig bij wie het kind verblijft, verzocht om beëindiging van de ondertoezichtstelling, stellende dat de situatie stabiel en veilig is en dat financiële problemen waren opgelost. De GI en de moeder betoogden dat de verlenging noodzakelijk is vanwege blijvende communicatieproblemen tussen de ouders, wat leidt tot loyaliteitsproblemen bij het kind.
Tijdens de mondelinge behandeling werd vastgesteld dat hoewel de ouders stappen hebben gezet, zoals het opstellen van een ouderschapsplan en het ontvangen van hulpverlening, de onderlinge strijd en communicatieproblemen voortduren. De GI benadrukte de kwetsbaarheid van de situatie en het belang van voortdurende monitoring en hulpverlening.
Het hof overwoog dat aan de wettelijke vereisten voor verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan, gezien de ernstige bedreiging van de ontwikkeling van het kind door de ouderlijke communicatieproblemen. Het hof besloot daarom de verlenging te bekrachtigen, maar verkortte de termijn van zeven naar zes maanden. De proceskosten werden gecompenseerd en het verzoek van de vader tot beëindiging werd afgewezen.
Uitkomst: De verlenging van de ondertoezichtstelling wordt bekrachtigd met verkorting van de termijn tot zes maanden.