ECLI:NL:GHSHE:2021:3594

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
18 juni 2021
Publicatiedatum
30 november 2021
Zaaknummer
20-000899-19
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 23 SrArt. 24 Sr
Verwijzingen
12 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep wegens overtreding Wegenverkeerswet met ontzegging rijbevoegdheid en geldboete

Op 2 december 2018 heeft verdachte te Helmond een overtreding begaan van artikel 163, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994. De politierechter in Oost-Brabant veroordeelde verdachte op 11 maart 2019. Tegen dit vonnis is hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch.

Het hof vernietigt het vonnis van de politierechter en doet opnieuw recht. De verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete van €1.000,00, waarvan een deel onder proeftijd wordt gesteld, en tot 20 dagen hechtenis, waarvan een deel kan worden vervangen door een geldboete van €600,00. Daarnaast wordt een ontzegging van de rijbevoegdheid opgelegd voor een periode van 2 jaar, waarvan 6 maanden onvoorwaardelijk en de rest onder proeftijd.

Het hof bepaalt dat de tijd dat het rijbewijs reeds was ingevorderd of ingehouden, in mindering wordt gebracht op de opgelegde ontzegging. Tevens wordt bepaald dat indien verdachte binnen de proeftijd een nieuw strafbaar feit pleegt, de niet ten uitvoer gelegde delen alsnog uitgevoerd kunnen worden. Het arrest is uitgesproken op 18 juni 2021 door mr. A.M.G. Smit.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot geldboete, hechtenis en ontzegging rijbevoegdheid met gedeeltelijke proeftijd.

Uitspraak

Parketnummer: 20-000899-19

Uitspraak : 18 juni 2021
TEGENSPRAAK
Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant, locatie
’s-Hertogenbosch, van 11 maart 2019, in de strafzaak onder parketnummer 96-252048-18 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1967,
wonende te [adres] .
Kwalificatie
Het bewezenverklaarde levert op:

overtreding van artikel 163, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.

Gepleegd op 2 december 2018 te Helmond.
Toegepaste wetsartikelen
De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24a, 24c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 163, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
geldboetevan
€ 1.000,00 (duizend euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
20 (twintig) dagen hechtenis.
Bepaalt dat een gedeelte van de geldboete, groot
€ 600,00 (zeshonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
12 (twaalf) dagen hechtenis, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bepaalt dat het onvoorwaardelijke deel van de
geldboetemag worden voldaan in
4 (vier) termijnenvan
1 maand, elke termijn groot
€ 100,00 (honderd euro).
Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
10 (tien) maanden.
Bepaalt dat een gedeelte van de bijkomende straf van ontzegging, groot
6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bepaalt dat de tijd, gedurende welke het rijbewijs van de verdachte ingevolge artikel 164 van Pro de Wegenverkeerswet 1994 vóór het tijdstip, waarop deze uitspraak voor wat betreft de in artikel 179 van Pro die wet genoemde bijkomende straf voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden, ingevorderd of ingehouden is geweest, op de duur van bovengenoemde bijkomende straf geheel in mindering zal worden gebracht.
Dit arrest is mondeling gewezen door mr. A.M.G. Smit.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 18 juni 2021.