ECLI:NL:GHSHE:2021:3049

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
1 april 2021
Publicatiedatum
7 oktober 2021
Zaaknummer
20-003290-19
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 SrArt. 22c SrArt. 22d SrArt. 57 SrArt. 266 Sr
Verwijzingen
7 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen vonnis bedreiging en eenvoudige belediging te Breda

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Breda van 14 oktober 2019, betreffende bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht en eenvoudige belediging gepleegd op 5 maart 2019 te Breda.

Het hof verklaarde verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep voor de beslissingen omtrent bepaalde tenlasteleggingen. Vervolgens vernietigde het hof het vonnis voor zover het oordeel aan het hof was onderworpen en deed opnieuw recht. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie dagen, een taakstraf van zestig uren en een hechtenis van dertig dagen, waarbij de tijd van voorarrest in mindering werd gebracht.

De uitspraak werd mondeling gedaan door de enkelvoudige kamer voor strafzaken op 1 april 2021. De opgelegde straffen zijn bedoeld om de ernst van de bedreiging en de belediging te sanctioneren, met inachtneming van de reeds door verdachte doorgebrachte voorarresttijd.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie dagen gevangenisstraf, zestig uur taakstraf en dertig dagen hechtenis met aftrek van voorarrest.

Uitspraak

Parketnummer: 20-003290-19

Uitspraak : 1 april 2021
VERSTEK
Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Breda, van 14 oktober 2019, in de strafzaak onder parketnummer 02-053274-19 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1985,
wonende te [adres] .
Kwalificatie
Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd.

Gepleegd op 5 maart 2019 te Breda.
Het onder 3 bewezenverklaarde levert op:

eenvoudige belediging.

Gepleegd op 5 maart 2019 te Breda.
Toegepaste wetsartikelen
De beslissing is gegrond op de artikelen 9, 22c, 22d, 57, 266 en 285 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep, voor zover gericht tegen de beslissingen ter zake van het onder 1 tenlastegelegde en het onder 3 tenlastegelegde ten aanzien van [aangever 1] .
Vernietigt het vonnis waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) dagen.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
60 (zestig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
30 (dertig) dagen hechtenis.
Dit arrest is mondeling gewezen door mr. J.J.M. Gielen-Winkster.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 1 april 2021.