Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/253746 / HA ZA 18-409)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord met productie;
3.De beoordeling
3.1.1. [appellant] was vanaf 1 mei 2013 projectmanager in dienst van [A] Arabia Consulting Engineers (verder: [A] Arabia ) voor de bouw van een viertal kades in Ras Al Khair te Saoedi-Arabië. [geïntimeerde] is bestuurder en meerderheidsaandeelhouder (70%) van [A] Arabia . De overige aandelen worden gehouden door [A] Nederland .
01 May 2013de datum
01 May 2017en eveneens een bedrag van
360000 Euro. De derde promissory note vermeldt in plaats van
01 May 2018en het bedrag
120000Euro.
worden beantwoord. De betwiste handtekening op X3 ligt in het kruispunt van de schrijflijn met het tonerspoor op en niet onder het tonerspoor en is dus later als de geprinte tekst op het papier is geplaatst.
€ 720.000,00 vanaf 8 mei 2018 en over het bedrag van € 120.000,00 vanaf de dag van de dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening. Daarnaast heeft [geïntimeerde] van [appellant] betaling gevorderd van € 5.375,00 aan buitengerechtelijke incassokosten en betaling van de proceskosten, de beslagkosten daaronder begrepen, een en ander te vermeerderen met wettelijk rente en de nakosten.
- het niet-ontvankelijk verklaren van [geïntimeerde] in zijn vorderingen, althans deze hem als ongegrond en / of niet bewezen te ontzeggen,
4.De uitspraak
7 september 2021voor opgave van het aantal getuigen en van de verhinderdata van partijen zelf, hun advocaten en de getuige(n) in de maanden oktober, november en december 2021;
7 september 2021in het geding dient te brengen;