Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
- een meldplicht voor verdachte bij de Reclassering Nederland;
- een verplichting om op basis van de door het NIFP-IFZ afgegeven indicatiestelling zich op te laten nemen in FPK de Woenselse Poort of een soortgelijke intramurale instelling voor maximaal de duur van 1 jaar, zulks ter beoordeling van het NIFP-IFZ, en het verlenen van zijn medewerking aan een daaropvolgend ambulant behandeltraject, indien de reclassering dat noodzakelijk acht;
- een verbod om drugs en alcohol te gebruiken, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht, waarbij de controle op de naleving van deze bijzondere voorwaarden zal worden ondersteund worden door middel van urinecontroles.
18als een kennelijke verschrijving gelet op pagina 10 van het vonnis), vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Het meer gevorderde aan materiële schade is afgewezen en de benadeelde partij is voor het overig gevorderde immateriële deel niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot schadevergoeding.
- de tenlastegelegde feiten bewezen zal verklaren conform de bewezenverklaring van de rechtbank;
- de verdachte strafbaar zal verklaren;
- de verdachte daarvoor zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 20 maanden, waarvan 15 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren en met aftrek van voorarrest;
- aan het voorwaardelijke strafdeel de volgende bijzondere voorwaarden zal verbinden:
- de bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar zal verklaren;
- de vorderingen van de benadeelde partijen zal toewijzen zoals de rechtbank heeft gedaan, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;
- het inbeslaggenomen mes verbeurd zal verklaren;
- ten aanzien van de vordering tot tenuitvoerlegging (03-039959-15), indien mogelijk, de proeftijd zal verlengen.
- ten aanzien van feit 1 primair vrijspraak bepleit en subsidiair bepleit dat het hof de verdachte zal ontslaan van alle rechtsvervolging omdat hem een beroep toekomt op noodweer;
- zich ten aanzien van feit 2 gerefereerd aan het oordeel van het hof;
- een strafmaatverweer gevoerd;
- bepleit dat het hof de benadeelde partij [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk zal verklaren in de vordering tot schadevergoeding;
- ten aanzien van de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [slachtoffer 2] B.V. bepleit dat het hof zal beslissen conform de rechtbank;
- ten aanzien van de vordering tot tenuitvoerlegging (03-039959-15) bepleit dat het hof de proeftijd zal verlengen.
hij op of omstreeks 16 augustus 2016 in de gemeente Venlo ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 1] opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven te beroven, met dat opzet meermalen, althans eenmaal, met een mes stekende, zwaaiende en/of slaande bewegingen heeft gemaakt in de richting van, althans tegen/in, het (boven)lichaam van voornoemde [slachtoffer 1] , ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] een steekwond in zijn (boven)lichaam heeft opgelopen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
hij op of omstreeks 16 augustus 2016 te Venlo aan [slachtoffer 1] opzettelijk en met voorbedachten rade zwaar lichamelijk letsel, te weten een steekwond in het (boven)lichaam en/of een klaplong heeft toegebracht door met dat opzet en na kalm beraad en rustig overleg, meermalen, althans eenmaal, met een mes stekende, zwaaiende en/of slaande bewegingen te maken in de richting van, althans tegen/in, het (boven)lichaam van voornoemde [slachtoffer 1] ;
hij op of omstreeks 16 augustus 2016 in de gemeente Venlo ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 1] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen met dat opzet meermalen, althans eenmaal, met een mes stekende, zwaaiende en/of slaande bewegingen heeft gemaakt in de richting van, althans tegen/in, het (boven)lichaam van voornoemde [slachtoffer 1] , ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] een steekwond in zijn (boven)lichaam heeft opgelopen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
hij op of omstreeks 16 augustus 2016 in de gemeente Venlo opzettelijk en wederrechtelijk een ruit, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 2] en/of [bedrijf] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan hem, verdachte, heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt;
hij op 16 augustus 2016 in de gemeente Venlo ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 1] opzettelijk van het leven te beroven, met dat opzet met een mes een zwaaiende of slaande beweging heeft gemaakt in de richting van het bovenlichaam van voornoemde [slachtoffer 1] , ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] een wond in zijn bovenlichaam heeft opgelopen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
hij op 16 augustus 2016 in de gemeente Venlo opzettelijk en wederrechtelijk een ruit toebehorende aan [bedrijf] heeft vernield;
Een proces-verbaal van aangifte d.d. 17 augustus 2016, dossierpagina’s 108-110, betreffende verklaring van T. ( [slachtoffer 1] ) M.B. Kleintjens, voor zover inhoudende:
Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 16 augustus 2016, dossierpagina’s 35-38, betreffende de verklaring van [getuige 1] , voor zover inhoudende:
Een geschrift inhoudende medische informatie met betrekking tot [slachtoffer 1] d.d. 13 september 2016, opgemaakt door forensisch geneeskundige C.J. van Leeuwen, dossierpagina 58, voor zover inhoudende:
Een snijverwonding borstkas links, onderliggend blijkt een klaplong
Een geschrift inhoudende een letselrapportage met betrekking tot [slachtoffer 1] d.d. 30 augustus 2016, opgemaakt door forensisch arts J. van Gastel, dossierpagina’s 55-56, voor zover inhoudende:
Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 17 augustus 2016, dossierpagina 50, betreffende het relaas van [verbalisant 1] en [verbalisant 2] , voor zover inhoudende:
Het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg d.d. 16 februari 2017, voor zover inhoudende de verklaring van de verdachte:
(het hof begrijpt: [getuige 2] ).
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij bepalen dat gijzeling voor na te melden duur kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid niet opheft.
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij bepalen dat gijzeling voor na te melden duur kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid niet opheft.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
18 (achttien) maanden;
13 (dertien) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 3 (drie) jaren ten behoeve van het vaststellen van zijn/haar identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang als de reclasseringsinstelling dit noodzakelijk acht daaronder begrepen, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]
€ 1.581,38 (duizend vijfhonderdeenentachtig euro en achtendertig cent) bestaande uit € 581,38 (vijfhonderdeenentachtig euro en achtendertig cent) materiële schade en € 1.000,00 (duizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening;
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] B.V.
€ 494,38 (vierhonderdvierennegentig euro en achtendertig cent) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening;
taakstrafvoor de duur van
30 (dertig) uren, bij gebreke van het naar behoren verrichten te vervangen door
15 (vijftien) dagen hechtenis.