ECLI:NL:GHSHE:2021:2069
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen voorlopige hechtenis wegens betrokkenheid bij productie en export synthetische drugs
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 1 juli 2021 het hoger beroep behandeld tegen de afwijzing van het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis van verdachte, die wordt verdacht van betrokkenheid bij de productie, handel en medeplegen van export van synthetische drugs.
Het hof oordeelt dat er nog steeds ernstige bezwaren tegen verdachte bestaan en dat het strafbare feit waarvoor hij wordt verdacht, medeplegen van export van synthetische drugs, een strafbaar feit is met een wettelijke straf van twaalf jaar of meer. Dit feit heeft de rechtsorde ernstig geschokt, waardoor de zogenaamde 12-jaarsgrond van toepassing blijft.
Daarnaast stelt het hof dat de samenleving, ook in het buitenland waar de drugs naartoe geëxporteerd zouden zijn, niet zou begrijpen of accepteren dat verdachte zijn berechting in vrijheid mag afwachten. Dit zou maatschappelijke onrust kunnen veroorzaken. Het hof acht ook het gevaar van herhaling aanwezig vanwege de ernst, duur en aard van de gedragingen, waarbij verdachte vooral door persoonlijk gewin werd gedreven zonder rekening te houden met de gezondheid van derden.
Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt eveneens afgewezen, omdat er geen bijzondere zwaarwichtige persoonlijke omstandigheden zijn die het belang van de samenleving bij voortzetting van de hechtenis doen wijken. Het advies van de reclassering om te schorsen verandert hier niets aan.
Het hof bevestigt daarmee de beslissing van de rechtbank Zeeland-West-Brabant en wijst het hoger beroep en het verzoek tot schorsing af.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep en het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af en bevestigt de voortzetting van de voorlopige hechtenis.