ECLI:NL:GHSHE:2021:1827

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
15 juni 2021
Publicatiedatum
15 juni 2021
Zaaknummer
200.295.249_01
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 126 RvArt. 339 lid 2 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beslissing over anticipatie en vervroegde roldatum in kort geding procedure

In deze zaak heeft appellante een dagvaarding uitgebracht binnen de wettelijke termijn voor kort geding zaken. Vervolgens heeft zij een anticipatie-exploot uitgebracht en de procedure bij vervroeging aangebracht tegen een vervroegde roldatum. Geïntimeerden hebben bezwaar gemaakt tegen deze vervroeging.

Het hof heeft appellante in de gelegenheid gesteld zich schriftelijk uit te laten over het bezwaar tegen de vervroegde roldatum, waarna geïntimeerden op hun beurt kunnen reageren. De zaak is verwezen naar een latere rolzitting voor het nemen van deze akten.

De beslissing is genomen door rolraadsheer Venhuizen en is in het openbaar uitgesproken. Hiermee wordt de procedure voortgezet met inachtneming van de procesrechtelijke waarborgen omtrent anticipatie en vervroeging in kort geding.

Uitkomst: De zaak is verwezen naar een latere rolzitting voor schriftelijke uitlatingen over het bezwaar tegen vervroeging.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Team Handelsrecht
zaaknummer 200.295.249/01

rolbeslissing van 15 juni 2021

in de zaak van

[appellante] ,

wonende te Tilburg,
appellante,
advocaat: mr. J.M. Molkenboer te Tilburg,
tegen
[de vennootschap 1] ,gevestigd en kantoorhoudende te [vestiging/kantoorplaats] ,
[de Holding B.V.] ,gevestigd en kantoorhoudende te [vestiging/kantoorplaats] ,
[Haarstudio B.V.] ,gevestigd en kantoorhoudende te [vestiging/kantoorplaats] ,
[Holding BVBA] ,
gevestigd en kantoorhoudende te [vestiging/kantoorplaats] , België,
5.
[de vennootschap 2] ,
gevestigd en kantoorhoudende te [vestiging/kantoorplaats] ,
geïntimeerden,
advocaat: mr. H.P. Kamerbeek te Tilburg.

Motivering

Het exploot van dagvaarding is uitgebracht op 16 december 2020. Dat is binnen de in artikel 339 lid 2 Rv Pro voor kort geding zaken voorgeschreven termijn van vier weken. Appellante heeft gedagvaard tegen de roldatum dinsdag 12 september 2023. Vervolgens heeft appellante een anticipatie-exploot uitgebracht op 31 mei 2021 en de procedure bij vervroeging aangebracht tegen de roldatum van 8 juni 2021. Op die roldatum heeft appellante ook de memorie van grieven tevens houdende vermeerdering van eis genomen. Bij H2-formulier heeft de advocaat van geïntimeerden zich, het hof begrijpt onder protest, gesteld. In dit formulier is aangegeven dat geïntimeerden niet akkoord zijn met de vervroegde roldatum en hebben daartegen bezwaar maken. Gelet daarop zal appellante in de gelegenheid worden gesteld zich daarover bij akte uit te laten. Geïntimeerden zullen in de gelegenheid worden gesteld bij antwoordakte te reageren.

De beslissing

Verwijst de zaak naar de rol van 29 juni 2021 voor akte aan de zijde van appellante met het hiervoor vermelde doel, waarna geïntimeerden op een termijn van twee weken in de gelegenheid zullen worden gesteld hierop bij antwoordakte te reageren.
Deze beslissing is gegeven door mr. S.M.A.M. Venhuizen, rolraadsheer, in het openbaar uitgesproken op 15 juni 2021 en ondertekend door de griffier en de rolraadsheer.
griffier rolraadsheer