De verdachte is in hoger beroep gegaan tegen de beslissing van de rechtbank die het verzoek tot opheffing van zijn voorlopige hechtenis had afgewezen. Het hof heeft het dossier bestudeerd, waarin ernstige bezwaren tegen verdachte zijn opgenomen, waaronder medeplegen van verduistering van een groot geldbedrag, witwassen en afpersing van een ambtenaar.
Het hof acht het gevaar voor herhaling aanwezig vanwege de financiële problematiek van verdachte, de druk die hij op een ambtenaar heeft uitgeoefend, en aanwijzingen voor bedreiging met (dodelijk) geweld. De reclassering adviseerde negatief over schorsing, en de rechtbank zag geen voorwaarden om herhaling te voorkomen.
Hoewel verdachte ruim een jaar in voorarrest zit en de inhoudelijke behandeling nog niet gepland is, stelt het hof dat het gevaar voor herhaling met passende voorwaarden kan worden teruggebracht tot een aanvaardbaar niveau. Daarom wijst het hof het hoger beroep af, bevestigt de beslissing van de rechtbank, maar wijst het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis toe onder strikte voorwaarden tot de uitspraak in eerste aanleg.