ECLI:NL:GHSHE:2020:3489
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wijziging zorgregeling in echtscheidingsbeschikking
In deze zaak stond het hoger beroep van de vader tegen de zorgregeling vastgesteld in de echtscheidingsbeschikking van 30 oktober 2018 centraal. De rechtbank Zeeland-West-Brabant had op verzoek van de gecertificeerde instelling de zorgregeling gewijzigd bij beschikking van 14 oktober 2019. Deze regeling voorzag in contactmomenten tussen vader en kinderen, waaronder om de week een weekendcontact en de helft van de vakanties.
Het hof heeft de zaak op 24 september 2020 mondeling behandeld, waarbij ook de minderjarige zijn mening schriftelijk kenbaar heeft gemaakt. Diverse schriftelijke stukken en rapportages van de gecertificeerde instelling en advocaten zijn in het dossier opgenomen.
Het hof overweegt dat door de gewijzigde beschikking van 14 oktober 2019 het belang van de vader bij het hoger beroep tegen de oorspronkelijke echtscheidingsbeschikking ten aanzien van de zorgregeling is komen te ontbreken. Daarom wijst het hof het verzoek van de vader tot vernietiging van de zorgregeling af.
De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt, gezien de procedure voortvloeit uit de echtscheiding tussen de partijen. De beschikking is op 12 november 2020 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de vader tot vernietiging van de zorgregeling af wegens ontbreken belang.