Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Coöperatieve Rabobank U.A.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
mr. [de vereffenaar] q.q., in zijn hoedanigheid van vereffenaar van de nalatenschappen van de heer [erflater] en mevrouw [erflaatster] ,kantoorhoudende te [kantoorplaats] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/338020 / HA ZA 18-605)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- het exploot van anticipatie van 9 december 2019 van de Rabobank;
- het tegen de vereffenaar verleende verstek;
- de memorie van grieven met producties;
- de exceptie van niet-ontvankelijkheid, tevens houdende memorie van antwoord, tevens houdende incidenteel hoger beroep van de Rabobank;
- de antwoordmemorie in het incident van [appellant] .