Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[de vof] V.O.F.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
[appellant 2] ,wonende te [woonplaats] ,
[appellante 3] ,wonende te [woonplaats] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/340705 / HA ZA 18-787)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- het tegen [geïntimeerde] verleende verstek;
- de memorie van grieven.
3.De beoordeling
primair: de zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank Oost-Brabant teneinde (opnieuw) te beslissen op het door [appellanen c.s.] opgeworpen incident terzake de nietigheid van de dagvaarding, de niet-ontvankelijkheid van [geïntimeerde] en de relatieve bevoegdheid van de rechtbank;
subsidiair: de incidentele vorderingen van [appellanen c.s.] , zoals ingesteld in eerste aanleg, alsnog worden toegewezen;