Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
advocaat: mr. M.A. Geuze te Utrecht,
niet verschenen,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/02/358898 / HA ZA 19-347)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- het op de rol tegen [geïntimeerde] verleende verstek;
- de memorie van grieven, met producties.
3.De beoordeling
primairdat [geïntimeerde] persoonlijk (niet (alleen) in hoedanigheid van medewerker van de eenmanszaak van [partner van geintimeerde] ) onrechtmatig heeft gehandeld jegens [de vennootschap] . [de vennootschap] stelt ter toelichting dat [geïntimeerde] bedragen van klanten van [de vennootschap] in ontvangst heeft genomen, in de wetenschap dat deze bedragen zijn bestemd voor [de vennootschap] , en dat [geïntimeerde] heeft nagelaten om deze bedragen aan [de vennootschap] af te dragen (grieven, 10-11). Volgens [de vennootschap] moet dit gedrag worden aangemerkt als diefstal, als ook het plegen van een onrechtmatige daad (grieven, 9, 21). [de vennootschap] stelt verder dat [geïntimeerde] in feite de gehele eenmanszaak dreef, eerst onder zijn eigen naam, en na faillietverklaring verder onder de naam van [Sneltransport] Sneltransport/ [partner van geintimeerde] (als stroman/katvanger) (grieven, 8, 10-11, 13) en
subsidiairdat [geïntimeerde] zijn aansprakelijkheid heeft erkend in verschillende e-mails (grieven, 23-25).