Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
2 Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met eiswijziging en producties;
- de memorie van antwoord, tevens memorie van grieven in incidenteel hoger beroep;
- de memorie van antwoord in incidenteel hoger beroep.
3.De vaststaande feiten.
4.De procedure in eerste aanleg
primaireen verklaring voor recht dat de vorderingen van [appellant] uit hoofde van het product door de voldoening van [geïntimeerde] van hetgeen hij in conventie jegens [appellant] is veroordeeld, krachtens subrogatie op [geïntimeerde] zijn overgegaan,
subsidiairveroordeling van [appellant] de koopsompolis [koopsompolis] onbezwaard over te dragen, althans over te dragen aan [geïntimeerde] op straffe van verbeurte van een dwangsom;
5.De beoordeling in hoger beroep
.[appellant] heeft naar het oordeel van het hof voldoende gesteld en onderbouwd dat hij buitengerechtelijke incassokosten heeft gemaakt. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en zal worden toegewezen. De vijfde grief slaagt dus eveneens.