ECLI:NL:GHSHE:2019:386
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs betrokkenheid openlijke geweldpleging
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor openlijke geweldpleging tegen twee personen te Cuijk. De rechtbank had verdachte vrijgesproken en de benadeelde partijen niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen. De officier van justitie ging tegen deze uitspraak in hoger beroep en vorderde onder meer een taakstraf en schadevergoeding.
Tijdens het hoger beroep heeft het hof de stukken en het verhandelde ter terechtzitting zorgvuldig gewogen. Hoewel vaststaat dat openlijk en in vereniging geweld is gepleegd door een groep van zes tot acht mannen, kon niet overtuigend worden vastgesteld dat verdachte daarbij betrokken was. De herkenning van verdachte door een verbalisant was gebaseerd op een algemeen signalement en onvoldoende betrouwbaar.
Daarnaast bleek uit verklaringen van verdachte, zijn vriendin en de verbalisant dat verdachte slechts samen met zijn vriendin aanwezig was en niet in een grotere groep. Het hof verwierp daarom de vordering van de officier van justitie en bevestigde de vrijspraak van verdachte. De vorderingen van de benadeelde partijen werden eveneens niet toegewezen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende overtuigend bewijs van betrokkenheid bij openlijke geweldpleging.