Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
[pleegvader],
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep van ouders tegen de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van hun twee minderjarige kinderen. De kinderen verblijven sinds 2016 in een pleeggezin en staan onder toezicht van de gecertificeerde instelling (GI). De ouders betwisten dat er sprake is van een ernstige ontwikkelingsbedreiging en stellen dat de ondertoezichtstelling als vangnet kan dienen.
De rechtbank had de machtiging tot uithuisplaatsing met ingang van 12 november 2018 voor een jaar verlengd. De ouders voeren aan dat de thuissituatie inmiddels verbeterd is, met een stabiele woning en verbeterde relatie, en dat de GI onvoldoende duidelijkheid en ondersteuning bood. De GI stelt dat de ouders het maximale van hun kunnen hebben bereikt, er nog steeds zorgen zijn over pedagogische vaardigheden, alcoholgebruik en de relatie tussen de ouders, en dat de kinderen ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd.
Het hof overweegt dat de kinderen het grootste deel van hun leven in het pleeggezin hebben gewoond en dat ondanks inspanningen van de ouders de thuissituatie onvoldoende stabiel, gestructureerd en veilig is. De omgangsregeling is teruggebracht wat rust heeft gebracht, maar de ouders zijn nog niet in staat de kinderen thuis adequaat te verzorgen. De erkenning van de vader van een kind is vernietigd en de biologische vader zal een rol gaan spelen, wat extra spanningen kan veroorzaken.
Het hof concludeert dat de aanvaardbare termijn voor terugplaatsing is verstreken en dat terugplaatsing niet langer verantwoord is. Daarom wordt de beschikking van de rechtbank Limburg van 8 november 2018 bekrachtigd.
Uitkomst: De verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige kinderen wordt bekrachtigd wegens onvoldoende stabiele en veilige thuissituatie bij de ouders.