ECLI:NL:GHSHE:2018:77
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep partneralimentatie bij arbeidsongeschiktheid alimentatieplichtige
Partijen zijn gehuwd geweest en gescheiden per 29 maart 2017. De rechtbank had bepaald dat de man € 2.166 per maand aan partneralimentatie aan de vrouw moest betalen. De man stelde in hoger beroep dat hij vanwege volledige arbeidsongeschiktheid slechts € 353 per maand kon betalen. Het hof overwoog dat de onderhoudsverplichting ingaat op de datum van inschrijving van de echtscheiding, 29 maart 2017.
Uit de medische en arbeidsdeskundige rapporten bleek dat de man sinds 1 februari 2016 volledig arbeidsongeschikt was en geen omzet meer genereerde uit zijn onderneming. Het hof achtte de draagkracht van de man beperkt tot zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering van € 3.117 bruto per maand, waaruit een draagkracht voor alimentatie van € 353 bruto per maand volgt.
De behoefte van de vrouw werd vastgesteld op circa € 2.563 in 2018, maar de draagkracht van de man was bepalend. Het hof stelde vast dat de vrouw de te veel betaalde alimentatie vanaf 29 maart 2017 aan de man moet terugbetalen, aangezien zij over vermogen beschikt en de alimentatieplichtige zijn draagkracht reeds in eerste aanleg had aangetoond.
De kosten van het hoger beroep werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en de alimentatie vastgesteld op € 353 per maand vanaf 29 maart 2017.
Uitkomst: Het hof verlaagt de partneralimentatie tot € 353 per maand vanaf 29 maart 2017 en veroordeelt de vrouw tot terugbetaling van te veel ontvangen bedragen.