ECLI:NL:GHSHE:2018:5346
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Beschikking
- R.A.T.M. Dekkers
- F.J.M. Walstock
- G.P.M.F. Mols
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schorsing van voorlopige hechtenis na veroordeling tot lange gevangenisstraf
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis van verdachte afgewezen. Verdachte was door de rechtbank veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf voor ernstige strafbare feiten, met aftrek van de tijd in voorarrest. Zowel verdachte als het Openbaar Ministerie hadden hoger beroep ingesteld tegen dit vonnis.
De voorlopige hechtenis was eerder meerdere keren geschorst, maar deze schorsingen waren opgeheven, onder meer omdat verdachte zich niet altijd aan de voorwaarden hield. Het hof overwoog dat het recht om berecht te worden in vrijheid kan vervallen na een veroordelend vonnis, tenzij het vonnis evident onjuist is of er bijzondere zwaarwichtige omstandigheden zijn.
Het hof stelde vast dat het vonnis niet evident onjuist is en dat de ernstige bezwaren tegen verdachte nog steeds gelden en zelfs zijn toegenomen door het veroordelend vonnis. De persoonlijke omstandigheden van verdachte waren onvoldoende zwaarwichtig om het belang van de samenleving te laten wijken. Ook de eerdere probleemloze schorsing van de voorlopige hechtenis in 2018 was niet doorslaggevend, gezien de ernst van de feiten en de lange onvoorwaardelijke gevangenisstraf.
Daarom wees het hof het verzoek af en handhaafde de voorlopige hechtenis. De datum van mogelijke invrijheidstelling was nog niet zodanig nabij dat het persoonlijk belang van verdachte zwaarder woog dan het belang van de samenleving.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen en de voorlopige hechtenis wordt voortgezet.