ECLI:NL:GHSHE:2018:5231
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Advocaat niet-ontvankelijk in verzet tegen griffierecht wegens te late indiening
Verzoeker kwam in verzet tegen de heffing van een griffierecht van €313,00 in twee zaken, stellende dat hij geen factuur had ontvangen. De Griffier zag af van een verweerschrift omdat het verzet niet betrof de juistheid van het griffierecht, maar het niet ontvangen van een factuur.
Tijdens de mondelinge behandeling gaf verzoeker aan dat de dwangbevelen waarop het verzet betrekking had, niet bekend waren wanneer deze aan hem betekend waren. Hij stelde dat het griffierecht onterecht werd geheven in een bewindszaak en dat hij telefonisch had vernomen dat het griffierecht op nihil zou worden gesteld. Na ontvangst van aanmaningen en dwangbevelen kwam hij alsnog in verzet.
Het hof stelde vast dat de dwangbevelen op 5 februari 2018 waren uitgevaardigd en uitvoerbaar verklaard. Het verzet werd pas op 22 juni 2018 ontvangen, ruim viereneenhalve maand later dan de wettelijke termijn van één maand na betekening. Verzoeker kon niet aantonen wanneer de dwangbevelen aan hem betekend waren, waardoor het hof het verzet niet-ontvankelijk verklaarde.
Het hof gaf de Griffier wel in overweging om het griffierecht alsnog op nihil te stellen, gelet op de aard van de zaken en de toepasselijke regelgeving. De beschikking werd uitgesproken door drie rechters op 13 december 2018.
Uitkomst: Verzoeker is niet-ontvankelijk verklaard in het verzet wegens te late indiening.