Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellant] ,wonende te [woonplaats] ,
[appellante] ,wonende te [woonplaats] ,
1.[geïntimeerde 1] ,wonende te [woonplaats] ,
[geïntimeerde 2] ,wonende te [woonplaats] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/190053/HA ZA 14-201)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord met producties.
3.De beoordeling
De door de verkoper geuitte claim uitstekend onderhouden aantoonbaar wordt weerlegd door onderstaande gebreken zoals vastgesteld in het bouwkundig onderzoek d.d. 10-10-2008.”. Deze e-mailwisseling heeft er uiteindelijk toe geleid dat [appellant] op
”Aan verkoper is bekend of[hof: bedoeld is: dat]
in de onroerende zaak asbest is verwerkt. Het dak van het Koetshuis bestaat uit eternyt platen, deze kunnen asbest bevatten.”Zij stellen dat zij er op grond van deze bepaling niet op hoefden te rekenen dat zich ook in het dak van het koetsiershuisje en in een deel van het dak van de hoeve asbesthoudende eternietplaten bevonden. Achteraf bleek dit wel het geval te zijn. [appellanten c.s.] stellen dat het gekochte hiermee – in strijd met artikel 7:17 BW Pro – niet de eigenschappen bezat die zij op grond van de overeenkomst mochten verwachten.
“In de onroerende zaak kunnen asbesthoudende stoffen aanwezig zijn. (…) Koper verklaart hiermee bekend te zijn en vrijwaart verkoper voor alle aansprakelijkheid die uit de aanwezigheid van enig asbest in de woning voortvloeien.”