Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
Het verzoek [hof: van de vrouw] tot vaststellen van een bedrag aan kinder- en partneralimentatie wordt ingetrokken, op voorwaarde dat de man de volledige hypotheekrente alsmede de premie van de aan de hypotheek verbonden verzekering en de eigenaarslasten (WOZ-belasting) van de echtelijke woning voor zijn rekening zal nemen, zonder dat op enig moment verrekening hiervan zal plaatsvinden.”
De vrouw heeft haar oorspronkelijke verzoeken inzake de kinder- en partneralimentatie ingetrokken, onder de voorwaarde dat de man de hypotheeklast en de aan de echtelijke woning verbonden premies levensverzekering voldoet.
4.De omvang van het geschil
- primair de vrouw niet-ontvankelijk te verklaren in haar inleidend verzoek;
- subsidiair de kinderalimentatie vast te stellen op nihil dan wel een zodanig bedrag als het hof juist acht.
- de ontvankelijkheid van de vrouw in haar inleidend verzoek om de man te veroordelen tot het betalen van kinderalimentatie;
- de draagkracht van de vrouw;
- zijn eigen draagkracht.
5.De beoordeling
- (€ 503,- : € 778,-) x € 500,- =) € 323,- per maand in de periode van 14 juni 2016 tot 1 oktober 2016;
- (€ 461,- : € 736,-) x € 500,- =) € 313,- per maand in de periode van 1 oktober 2016 tot 1 november 2017;
- (€ 461,- : € 585,-) x € 510,50 =) € 402,- per maand in de periode van 1 november 2017 tot 1 mei 2018;
- (€ 461,- : € 624,-) x € 518,16 =) € 383,- per maand vanaf 1 mei 2018.
- € 148,- per maand in de periode van 14 juni 2016 tot 1 oktober 2016;
- € 138,- per maand in de periode van 1 oktober 2016 tot 1 november 2017;
- € 223,- per maand in de periode van 1 november 2017 tot 1 mei 2018;
- € 202,- per maand vanaf 1 mei 2018.