Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 24 maart 2015;
- de akte uitlaten, tevens houdende akte overlegging producties van [geïntimeerde] van 2 juni 2015;
- de antwoordakte, tevens houdende akte overlegging producties, tevens wijziging (vermeerdering) van eis van [appellante] van 31 januari 2017;
- de rolbeslissing van 14 maart 2017;
- de gelijkluidende aktes houdende bezwaar tegen eiswijziging (eisvermeerdering) van [geïntimeerde] van 21 februari 2017 en 25 april 2017;
- akte uitlaten bezwaar tegen eiswijziging (eisvermeerdering) van [appellante] van 9 mei 2017.
6.De verdere beoordeling
kunnenoverleggen, maar ook op grond van de artikel 21 Rv Pro in verbinding met artikel 7:433 BW Pro had
moetenoverleggen. Door dat niet te doen heeft [geïntimeerde] het aan zichzelf te wijten dat de vorderingen eerst in een laat stadium zijn geconcretiseerd.