Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de beschikking van het gerechtshof Den Haag waarin dat hof zich onbevoegd heeft verklaard om van de zaak kennis te nemen en de zaak in de stand waarin deze zich bevond naar dit hof heeft verwezen;
- het proces-verbaal van de zitting van de eerste aanleg op 14 december 2015;
- het V6-formulier van de zijde van de man van 18 mei 2016 met bijlagen, ingekomen op 19 mei 2016;
- het V6-formulier van de zijde van de man van 26 mei 2016 met bijlagen, ingekomen op 27 mei 2016;
- een brief van de zijde van de advocaat van de vrouw in eerste aanleg van 26 mei 2016 met bijlagen, ingekomen op 30 mei 2016;
- het V6-formulier van de zijde van de man van 7 juli 2016 met bijlagen, ingekomen op 7 juli 2016;
- het V6-formulier van de zijde van de man van 26 juli 2016 met bijlagen, ingekomen op 26 juli 2016;
- een journaalbericht van de zijde van de man van 18 oktober 2016 met bijlagen, ingekomen op 18 oktober 2016.
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
- de schuld aan EON, waarop de man afloste met € 165,66 per maand;
- de schuld aan Ziggo, waarop de man afloste met € 133,91 per maand;
- de schuld ter zake een huurachterstand, waarop de man afloste met € 225,- per maand;
- de schuld aan VGZ, waarop de man afloste met € 132,- per maand;
- de bestuursrechtelijke premie ziektekostenverzekering ad € 152,53 per maand minus de reeds in het draagkrachtloos inkomen verdisconteerde nominale premie ad € 95,- per maand, derhalve € 57,33 per maand,