Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde 1] ,wonende te [woonplaats] ,
de Stichting Batna,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven van de Raad in vrijwaring en in de hoofdzaak;
- de memorie van antwoord van de Stichting in de vrijwaringszaak;
- de memorie van antwoord van [geïntimeerde 1] in de hoofdzaak, tevens memorie van grieven in voorwaardelijk incidenteel appel in de hoofdzaak;
- de memorie van antwoord van de Raad in het voorwaardelijk incidenteel appel;
- de akte van de Raad in de vrijwaringszaak;
- de antwoordakte van de Stichting in de vrijwaringszaak.
3.De beoordeling
a) [geïntimeerde 1] , geboren op [geboortedatum] 1951, is met ingang van 15 december 1980 in dienst getreden van (de rechtsvoorgangster van) Stichting Rechtshulp Zuid Advocaten (hierna te noemen: RZA). Hij was laatstelijk werkzaam in de functie van regiomanager.
aan[geïntimeerde 1] te doen betalen. Die vordering is afgewezen (rov. 4.10.2-4.10.5 van het bestreden vonnis).