Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
4.Gronden
5.Beslissing
- verklaarthet hoger beroep ongegrond;
- bevestigtde uitspraak van de Rechtbank.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Belanghebbende is eigenaar van een vrijstaande woning in Horst aan de Maas, waarvan de WOZ-waarde voor 2014 is vastgesteld op €311.000. Tegen deze waarde en de daarbij behorende aanslag onroerende-zaakbelasting maakte belanghebbende bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende eveneens ongegrond.
Belanghebbende stelde in hoger beroep dat de waarde te hoog was vastgesteld, onder meer omdat referentieobjecten niet marktconform waren verkocht en dat er onvoldoende rekening was gehouden met verschillen in luxe en perceelonderdelen. De heffingsambtenaar voerde aan dat de waarde correct was bepaald op basis van een taxatierapport en marktgegevens.
Het hof oordeelde dat de waarde van €311.000 niet te hoog was vastgesteld. Het verwierp het gebruik van referentieobjecten die mogelijk binnen families waren verkocht, maar vond de overige referentieobjecten voldoende vergelijkbaar. Ook de stellingen over luxeverschillen en perceelonderdelen werden niet aannemelijk geacht. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd, waarbij de WOZ-waarde van €311.000 wordt gehandhaafd.