Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 24 november 2016 uitspraak gedaan in hoger beroep over het gezamenlijk ouderlijk gezag van een minderjarige. De vader was tegen de beslissing van de rechtbank Zeeland-West-Brabant in beroep gegaan, die het gezamenlijk gezag had beëindigd en het eenhoofdig gezag aan de moeder had toegekend.
De zaak draait om ernstige communicatieproblemen tussen de ouders, die de ontwikkeling en behandeling van de minderjarige negatief beïnvloeden. De vader had zijn toestemming voor noodzakelijke neuropsychologische onderzoeken en begeleiding herhaaldelijk geweigerd, wat leidde tot stagnatie in de behandeling en overplaatsing van de minderjarige naar speciaal onderwijs. Beide ouders zijn verantwoordelijk voor de situatie, maar de moeder heeft de dagelijkse zorg en onderhoudt contact met hulpverlening en school.
Het hof oordeelt dat de omstandigheden sinds het gezamenlijk gezag zijn gewijzigd en dat het belang van de minderjarige vereist dat het gezag wordt beëindigd. Het gezamenlijk gezag kan niet meer op een wijze worden uitgeoefend die de positieve ontwikkeling van het kind waarborgt. Een raadsonderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Het hof bekrachtigt de eerdere beschikking en wijst het beroep van de vader af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het gezamenlijk gezag en kent het eenhoofdig gezag toe aan de moeder.