Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling in eerste aanleg op 30 juli 2015;
- de brief van mr. Lalesse, die de vrouw aanvankelijk bijstond, d.d. 29 maart 2016, waarin wordt verzocht om een akte van non‑appel voor wat betreft de in de bestreden beschikking uitgesproken echtscheiding;
- de brief van de advocaat van de man d.d. 28 juni 2016;
- het V-formulier met brief met bijlagen van de advocaat van de man d.d. 29 juni 2016;
3.De beoordeling
- als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van [minderjarige] een bedrag van € 197,- per maand zal storten op de kindrekening, zulks met ingang van de datum van de bestreden beschikking;
- een bedrag van € 308,- per maand dient te betalen aan de vrouw ten behoeve van haar levensonderhoud, met ingang van de dag van inschrijving van de beschikking tot echtscheiding in de registers van de burgerlijke stand.
4.De beslissing
- de bijdrage in het levensonderhoud van de vrouw,
- de bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van [minderjarige] , dit met ingang van 1 mei 2016;
- het hoofdverblijf van [minderjarige] , dit met ingang van 16 april 2016;
- een bijdrage in haar levensonderhoud;
- een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 1999 te [geboorteplaats] , dit met ingang van 1 mei 2016;
- het hoofdverblijf van [minderjarige] bij haar te bepalen, dit met ingang van 16 april 2016;