Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellant 1] ,wonende te [woonplaats] ,
[appellante 2] ,wonende te [woonplaats] ,
1.Coöperatieve Rabobank U.A.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
Rabohypotheekbank N.V.,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/218353/KG ZA 16-212)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep met grieven en producties;
- de memorie van antwoord met producties.
3.De beoordeling
de woning). [appellanten] bewoonde deze woning tezamen met andere gezinsleden.
perceel [sectienummer 2]) in eigendom verworven.
het bedrijfspanden/of
percelen [sectienummer 3] en [sectienummer 4]) berust bij Drycon B.V.
de navolgende waarde toegekend:
:
leningenwordt gestaakt, terwijl sprake was van executie van hypotheekrechten en (ii) omdat de woning en perceel [sectienummer 2] op 7 juni 2016 aan de koper zijn geleverd, hetgeen [appellanten] bekend was voordat de appeldagvaarding werd aangebracht.
niettot die executie over te gaan. [appellanten] heeft geen voldoende belang meer bij de procedure en bij het door hem gevorderde, aldus Rabobank. Rabobank heeft overgelegd de nota’s van afrekening van de notaris d.d. 31 mei 2016 (woning) en 1 juni 2016 (perceel [sectienummer 2] ), haar mededeling aan de notaris dat zij bereid is tot het verlenen van algeheel royement d.d. 13 juni 2016 en de bijbehorende door haar ondertekende volmacht tot afstanddoening hypotheekrecht (prod. 30 mva).