Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
[handelsnaam],
1.Het verloop van de procedure
- de memorie van grieven waarbij een productie is overgelegd;
- de memorie van antwoord;
2.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 467752 CV EXPL 12-1252)
3.De gronden van het hoger beroep
4.De beoordeling
Nadrukkelijk deel ik u mede dat er geen enkele noodzaak is om uw vordering jegens cliënt in de hand te stellen van een deurwaarder. Dit betekent dat alle kosten die u in verband daarmee maakt voor uw eigen rekening zullen blijven. (…)”. Daarmee heeft die storting als het ware het karakter van een bankgarantie gekregen, waarbij [geïntimeerde] in zijn brief van 18 juli 2008 met zoveel woorden schrijft dat als hij heeft kunnen vaststellen dat [appellant] zijn betalingsverplichtingen is nagekomen, het bedrag per omgaande van
“onze Derdengeldrekening”naar de bankrekening van [appellant] zal worden geboekt. Waar hij zelf spreekt over
“onze Derdengeldrekening”, heeft de opmerking van [geïntimeerde] dat [betrokkene] aan de Stichting Beheer Derdengelden [Advocaten] Advocaten (en dus niet aan [geïntimeerde] ) het bedrag heeft teruggevraagd en dat dit verzoek door die Stichting (en dus niet [geïntimeerde] ) is ingewilligd, zonder verdere toelichting, die niet is gegeven, geen betekenis, zodat het hof daaraan voorbij gaat.