ECLI:NL:GHSHE:2016:2183
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- A.P. Zweers-van Vollenhoven
- L.Th.L.G. Pellis
- A.J. Coster
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging weigering toelating tot schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw en onvoldoende nakoming
De zaak betreft het hoger beroep van een schuldenaar tegen de afwijzing van haar verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling. De rechtbank had het verzoek afgewezen op grond van artikel 288 lid 1 sub b Faillissementswet Pro, omdat niet aannemelijk was dat zij te goeder trouw was bij het ontstaan of onbetaald laten van haar schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek.
De schuldenaar stelde dat haar schulden vooral waren ontstaan doordat zij door haar ex-partner als katvanger was gebruikt voor een bedrijf, wat leidde tot een hoge belastingschuld. Tevens voerde zij aan dat zij schulden had opgebouwd om te kunnen overleven na huisuitzetting. Zij had echter geen verificerende documenten overlegd om haar stellingen te onderbouwen en kon de ontstaansdata van haar schulden niet aantonen.
Het hof stelde vast dat de schuldenaar onvoldoende bewijs had geleverd dat zij te goeder trouw was. De belastingschuld van ruim €127.000 werd als niet te goeder trouw ontstaan beschouwd, mede omdat correspondentie en bewijs ontbraken. Ook de clusterschuld aan het CJIB was onvoldoende toegelicht. Daarnaast was de schuldenaar niet verschenen bij de zitting in hoger beroep en was zij psychosociaal problematisch, zonder dat dit beheersbaar was verklaard door een hulpverlener.
Gezien deze omstandigheden en het ontbreken van bewijs, bevestigde het hof het vonnis van de rechtbank en wees het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw en onvoldoende nakoming.