Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de brief met bijlagen van de advocaat van [appellante] d.d. 17 maart 2016;
- de brief met bijlagen van de advocaat van [appellante] d.d. 18 maart 2016;
- de brief met bijlagen van de advocaat van [appellante] d.d. 23 maart 2016;
- de brief met bijlagen van de advocaat van [appellante] d.d. 30 maart 2016;
- de brief met bijlagen van de advocaat van [appellante] d.d. 4 april 2016;
3.De beoordeling
- de hoge telefoonkosten zijn in overwegende mate ontstaan omdat de ex-partner van [appellante] in het verleden telefoons bleef verkopen om aan liquide middelen te komen om in zijn drugsverslaving te kunnen voorzien;
- de rechtbank had in eerste aanleg zorgvuldiger dienen te zijn en had niet alleendienen te varen op de ontvangen informatie en de mogelijke onvolledige informatie van [appellante] , [appellante] is matig begaafd en omissies kunnen haar niet allemaal verweten worden;
- onjuist is dat [appellante] afspraken regelmatig niet zou nakomen;
- de wijze van benadering door de rechtbank zou niet voldoende zorgvuldig zijn geweest.