In deze civiele zaak staat centraal of de projectontwikkelaar Vijverparc B.V. in schuldeisersverzuim verkeerde door door de gemeente aangeboden woningbouwprojecten te weigeren. De gemeente stelt dat zij aan haar verplichtingen uit de compensatieovereenkomst heeft voldaan door geschikte projecten aan te bieden, terwijl Vijverparc dit betwist.
Het hof heeft in een eerder tussenarrest bewijs toegelaten en partijen gehoord, waarbij het hof de gemeente heeft opgedragen aan te tonen dat de bouwlocaties aan twee specifieke adressen in aanmerking kwamen voor compensatie. De gemeente heeft diverse vertegenwoordigers en een extern adviseur gehoord, terwijl Vijverparc een directeur heeft doen horen.
Het hof benadrukt dat de bewijslast bij de gemeente ligt en dat het essentieel is om te beoordelen of de projecten voldoen aan de norm dat een disagio van €10.000 per woning haalbaar was, rekening houdend met factoren zoals grondprijs, kavelgrootte en aantal woningen. Omdat partijen hierover van mening verschillen, acht het hof een deskundigenrapport noodzakelijk om deze technische en financiële aspecten te beoordelen.
De deskundige zal onder meer moeten vaststellen welke factoren van invloed zijn op het realiseren van het disagio en specifiek beoordelen of de projecten aan de gestelde norm voldoen. Het hof verwijst de zaak naar de rol voor verdere procedurele stappen en houdt iedere beslissing aan in afwachting van het deskundigenrapport.