Uitspraak
Afdeling strafrecht
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte],
hij op of omstreeks 26 juli 2013 in de gemeente Maastricht, in elk geval in Nederland, als vreemdeling heeft verbleven, terwijl hij wist of ernstige reden had te vermoeden dat hij op grond van artikel 21 van Pro de Vreemdelingenwet, in elk geval op grond van enig wettelijk voorschrift, tot ongewenste vreemdeling was verklaard;
hij op of omstreeks 26 juli 2013 in de gemeente Maastricht, althans in het arrondissement Maastricht, opzettelijk heeft vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 3,16 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I.
hij op 26 juli 2013 in de gemeente Maastricht als vreemdeling heeft verbleven, terwijl hij wist dat hij op grond van artikel 21 van Pro de Vreemdelingenwet tot ongewenste vreemdeling was verklaard;
hij op 26 juli 2013 in de gemeente Maastricht opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 2,5 gram heroïne, zijnde heroïne een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I.
Ten aanzien van feit 1:
1. Een beschikking van de Staatssecretaris van Justitie d.d. 22 augustus 1997, voor zover inhoudende (p. 39A-39B):
2. Een proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 27 juli 2013, voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte (p. 34-36):
(hof: 26 juli 2013)ben ik in Nederland.
Ten aanzien van feit 2:
3. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 juli 2013, voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [V1] en [V2] (p. 6-7):
4. Een (stam)proces-verbaal d.d. 20 augustus 2013, voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [V3] (p. 1-5):
5. Een deskundigenrapport van het Nederlands Forensisch Instituut d.d. 7 augustus 2013, voor zover inhoudende als bevindingen en/of conclusies van ing. A.B.M. van Esch-de Bruin, NFI-deskundige forensische drugsanalyse (p. 42-43):
6. Een proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 27 juli 2013 te 10:14 uur, voor zover inhoudende als - zakelijk weergegeven - verklaring van de verdachte (p. 25-27):
(hof: 26 juli 2013)in Maastricht. Ik had 2,5 gram heroïne in bezit.
Rechtmatigheid van de bewijsgaring (feit 1 en 2)
Geldigheid van de ongewenstverklaring (feit 1)
1.
2.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
2 (twee) maanden.