Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte],
- integrale vrijspraak van de onder 1 impliciet primair ten laste gelegde moord en de onder 2 impliciet primair ten laste gelegde poging tot moord bepleit;
- zich gerefereerd aan het oordeel van het hof met betrekking tot de onder 1 impliciet subsidiair ten laste gelegde doodslag, de onder 2 impliciet subsidiair ten laste gelegde poging tot doodslag en het onder 3 ten laste gelegde feit;
- aangevoerd dat ter zake van het onder 1 en 2 ten laste gelegde sprake was van (putatief) noodweer dan wel (putatief) noodweerexces, zodat verdachte ten aanzien van deze feiten dient te worden ontslagen van alle rechtsvervolging.
hij op of omstreeks 11 november 2012 te Zijtaart, gemeente Veghel, opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, [slachtoffer 1] van het leven heeft beroofd, immers heeft verdachte met dat opzet (en na kalm beraad en rustig overleg), met een vuurwapen een of meerdere kogel(s) op het lichaam van die [slachtoffer 1] afgevuurd, ten gevolge waarvan voornoemde [slachtoffer 1] is overleden;
hij op of omstreeks 11 november 2012 te Zijtaart, gemeente Veghel, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, [slachtoffer 2] van het leven te beroven, met dat opzet (en na kalm beraad en rustig overleg), met een vuurwapen een of meerdere kogel(s) heeft afgevuurd op het lichaam van die [slachtoffer 2], terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
hij in of omstreeks de periode van 01 november 2005 tot en met 11 november 2012 te Zijtaart, gemeente Veghel, en/of Veghel en/of Roermond en/of een of meerdere plaatsen in Nederland, een wapen van categorie III, te weten een Glock, type 19., kaliber 9 mm Parabellum, en/of munitie van categorie III, te weten 15 patronen, althans een of meerdere patro(o)n(en), CCI 9 mm Luger, voorhanden heeft gehad.
hij op 11 november 2012 te Zijtaart, gemeente Veghel, opzettelijk [slachtoffer 1] van het leven heeft beroofd, immers heeft verdachte met dat opzet, met een vuurwapen een kogel op het lichaam van die [slachtoffer 1] afgevuurd, ten gevolge waarvan voornoemde [slachtoffer 1] is overleden;
hij op 11 november 2012 te Zijtaart, gemeente Veghel, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk [slachtoffer 2] van het leven te beroven, met dat opzet, met een vuurwapen een kogel heeft afgevuurd op het lichaam van die [slachtoffer 2], terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
hij in de periode van 1 november 2005 tot en met 11 november 2012 in Nederland een wapen van categorie III, te weten een Glock, type 19., kaliber 9 mm Parabellum, en munitie van categorie III, te weten 15 patronen, CCI 9 mm Luger, voorhanden heeft gehad.
Het algemeen relaas, doorgenummerde dossierpagina’s 8-15, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2]:
pagina 8)
Het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg, d.d. 31 mei 2013, doorgenummerde pagina’s 1-16, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende als verklaring van verdachte [verdachte]:
het hof begrijpt: [getuige 1]) gebeld. Hij vroeg of ik meeging naar het kickboksgala. Ik heb voor de zekerheid een wapen naar het kickboksgala meegenomen.
pagina 4)
Het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep, d.d. 1 oktober 2014, doorgenummerde pagina’s 1-14, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende als verklaring van verdachte [verdachte]:
pagina 9)
Het proces-verbaal van verhoor verdachte, doorgenummerde dossierpagina’s 737-752, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende als verklaring van verdachte [verdachte]:
(het hof begrijpt: [getuige 2]), hij is eigenlijk de oorzaak van alles. [getuige 2] hij heeft mij vaker bedreigd.
het hof: [slachtoffer 1])kwam erbij. [getuige 1] en [getuige 2] waren met elkaar aan het spreken. Ik ging er naar toe en werd gelijk door [getuige 1] weggestuurd. Ik liep terug en ben gaan zitten. De klapdeuren gingen open, [slachtoffer 1] kwam binnen. Hij zei: ”Ik maak jou en heel jouw familie af”. Twee drie minuten later kwam [getuige 1] er aan. Ik vertelde [getuige 1] wat er gebeurd was. [getuige 1] begreep er niets van. Hij had het net goedgemaakt met [getuige 2]. [getuige 1] zei dat hij even met [slachtoffer 1] zou gaan praten. [getuige 1] en volgens mij [getuige 3] ook, zij gingen naar [slachtoffer 1] toe. Ik zag dat [slachtoffer 1] gebaren maakte dat [getuige 1] moest gaan zitten. [getuige 1] deed dat niet. Ik zag dat [slachtoffer 1] opstond. Hij sloeg [getuige 1].
(het hof begrijpt: [getuige 1])kwam mij
(het hof begrijpt: op 11 november 2012)met de auto ophalen. Ik besloot een wapen voor de zekerheid mee te nemen. Ik had er een goed gevoel bij met dat wapen. Wij haalden [getuige 3]
(het hof begrijpt:[getuige 3])op en met zijn drieën gingen wij naar het gala.
pagina 750)
Het proces-verbaal van verhoor verdachte, doorgenummerde dossierpagina’s 753-760, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende als verklaring van verdachte [verdachte]:
pagina 753)
het hof begrijpt: [slachtoffer 1]) stond met zijn rug naar mij toe. Ik schoot hem in zijn rug. Ik schoot hem in de richting van zijn rug. Ik kan wel zeggen…hij is groot. Ik kon hem niet missen. Ik heb 1 schot richting [slachtoffer 2] gegeven. Ik heb twee keer geschoten: 1 keer richting [slachtoffer 1] en 1 keer richting [slachtoffer 2].
Het proces-verbaal van bevindingen, doorgenummerde dossierpagina’s 636-640, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende als verklaring van verbalisant [verbalisant 3]:
pagina 636)
pagina 638)
pagina 639)
Het proces-verbaal van verhoor verdachte, doorgenummerde dossierpagina’s 513-522, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende als verklaring van [slachtoffer 2]:
pagina 514)
het hof begrijpt: verdachte). Ik zie dat hij met twee handen een geweer
(het hof begrijpt: pistool)vast heeft en dit op mij richt. Ik probeer weg te komen, maar ik hoor een knal en ik ben gewond neergevallen.
het hof begrijpt: beneden)was ook het eten. Ik heb op het kickboksgala vrienden van mijn broer ontmoet. Die zaten aan de tafels beneden. De gebroeders [getuige 1 en getuige 3] waren ook in de zaal aanwezig. Ze heten [getuige 3] en [getuige 1]. Zij zaten op de verhoging van het VIP gedeelte. Bij [getuige 3] en [getuige 1] zaten nog drie andere mannen of meer. Ik kende alleen [verdachte]. Toen ik voor het eerst de zaal in kwam zal [getuige 3] op de verhoging van het VIP gedeelte. Ik ben de tafel van [getuige 3] voorbij gelopen en ben toen naar beneden gelopen naar de tafels waar mijn broer zat.
(het hof begrijpt: [slachtoffer 1])en ik zitten aan een tafel in het VIP gedeelte waar het eten staat. Ik zag dat [getuige 1] en [getuige 3] naar mijn broer liepen en voor hem gingen staan. Ze kwamen vanaf de verhoging. Ik zag ze van de trap naar beneden lopen.
pagina 522)
Een geneeskundige verklaring, doorgenummerde dossierpagina 772, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende:
Het rapport d.d. 30 januari 2013 van het Nederlands Forensisch Instituut, Pathologie onderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet natuurlijke dood, pagina’s 235-250, welk deel uitmaakt van het Proces-verbaal van Technisch onderzoek van de Regiopolitie Brabant-Noord, Divisie Informatie en Opsporing, Forensisch Technische Opsporing, proces-verbaalnummer: 2012118572, op 26 maart 2013 in de wettige vorm opgemaakt door verbalisant [verbalisant 4], inspecteur van politie, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende als bevindingen van de NFI deskundige P.M.I. Van Driessche, arts en patholoog:
1. Overledene
3. Vraagstelling
5. Resultaten
6. Interpretatie van resultaten
7. Conclusie
Het proces-verbaal van verhoor verdachte, doorgenummerde dossierpagina’s 801-806, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende als verklaring van [getuige 4]:
Het proces-verbaal van verhoor verdachte, doorgenummerde dossierpagina’s 481-488, voor zover – zakelijk weergegeven – inhoudende als verklaring van [getuige 1]:
het hof begrijpt: verdachte).
(hof: [slachtoffer 1])was bedreigd. Ik kon dit niet geloven omdat we er net bij de trap over hadden gesproken. Ik ben toen rechtstreeks naar de tafel waar [slachtoffer 1] aan zat gelopen in het VIP gedeelte. Ik zei tegen [slachtoffer 1] dat ik met hem wilde praten. Ik hoorde hem op commanderende toon zeggen dat ik maar moest gaan zitten als ik wilde praten. Ik hoorde hem vervolgens zeggen dat hij helemaal niets met mij te bepraten had. Ik zag vervolgens dat hij op stond. Hij sloeg mij of probeerde mijn hoofd te pakken.
- het proces-verbaal van Regionaal Bureau Wapen en Munitie, in de wettelijke vorm opgemaakt door verbalisant [verbalisant 5], inspecteur van politie, doorgenummerde dossierpagina’s 196-199;
- het proces-verbaal Sporenonderzoek plaats-delict kickboksgala, in de wettelijke vorm opgemaakt door verbalisanten [verbalisant 6], brigadier van politie, [verbalisant 7], hoofdagent van politie, [verbalisant 8], brigadier van politie, [verbalisant 9], brigadier van politie, en [verbalisant 10], brigadier van politie, doorgenummerde dossierpagina’s 32-41;
- het coördinatie proces-verbaal technisch onderzoek, in te wettelijke vorm opgemaakt door verbalisant [verbalisant 4], inspecteur van politie, ongenummerde dossierpagina’s, onder 7.1 (omschrijving en strafbaarstelling vuurwapen en munitie).
het hof begrijpt:[getuige 3]) aan diens lichaam heeft vastgehouden om te voorkomen dat deze zich met het gevecht tussen [getuige 1] en [slachtoffer 1] zou bemoeien. De getuige trok deze persoon weg van dat gevecht. Het hof overweegt voorts dat uit de verklaring van de getuige [getuige 5] (dossierpagina 268) volgt dat [getuige 1] zich onderop in de vechtpartij met [slachtoffer 1] bevond en [slachtoffer 1] bovenop hem zat. Uit de verklaring van de getuige [getuige 6] (dossierpagina 285) volgt dat [slachtoffer 1] op iemand aan het inbeuken was. [slachtoffer 2] heeft hierover verklaard dat hij heeft gezien dat [getuige 1] en zijn broer [slachtoffer 1] aan het vechten waren (dossierpagina’s 521 en 526). Daarna hoorde hij twee knallen (dossierpagina 521). De getuige [getuige 7] heeft verklaard dat [getuige 1]
(het hof begrijpt telkens: [getuige 1]) aan het stoeien was met [slachtoffer 1], dat [getuige 1] op de grond was gevallen en dat [slachtoffer 1] boven op [getuige 1] lag. Hij zag toen dat verdachte op [slachtoffer 1] schoot (dossierpagina 538). De getuige [getuige 8] ten slotte, die ook in het lage VIP-gedeelte zat, heeft verklaard dat hij heeft gezien dat [getuige 1] en [slachtoffer 1] samen aan het vechten waren (dossierpagina 333).
het hof begrijpt: [slachtoffer 1]) deze persoon (
het hof begrijpt: [getuige 1]) meermalen met een vuist met kracht tegen diens achterhoofd stompte.
hof: kickboksen) (dossierpagina’s 741 en 742). Het hof leidt daaruit af dat verdachte wist dat [getuige 1] vecht- en verdedigingstechnieken beheerste en derhalve zichzelf wist en kon verdedigen.
doodslag.
poging tot doodslag.
en
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
20 (twintig) jaren.
onttrekking aan het verkeervan het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten: 1 STK Wapen, kleur: zwart, Glock 19, goednr: 504228, inclusief 1 houder en 9 patronen merk cci kal 9 x 19 mm.
teruggaveaan de Nederlandse Staat van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten: 1 STK Paspoort Nederland, AAAP4373NL van [naam].
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1]
€ 13.169,80 (dertienduizend honderdnegenenzestig euro en tachtig cent) ter zake van materiële schadeen veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 13.169,80 (dertienduizend honderdnegenenzestig euro en tachtig cent) als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
100 (honderd) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]
€ 12.051,57 (twaalfduizend eenenvijftig euro en zevenenvijftig cent) bestaande uit € 4.551,57 (vierduizend vijfhonderdeenenvijftig euro en zevenenvijftig cent) materiële schade en € 7.500,00 (zevenduizend vijfhonderd euro) immateriële schadeen veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 12.051,57 (twaalfduizend eenenvijftig euro en zevenenvijftig cent) bestaande uit € 4.551,57 (vierduizend vijfhonderdeenenvijftig euro en zevenenvijftig cent) materiële schade en € 7.500,00 (zevenduizend vijfhonderd euro) immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
95 (vijfennegentig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.