Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
h.o.d.n. [tegel en- natuursteenwerken] Tegel en- Natuursteenwerken,
12.Het verloop van de procedure
15.De verdere beoordeling
Onderwerp van discussie is de hoogte van het aantal werkuren in de herstelfactuur (de materialen staan op een niet betwiste factuur)”.[geïntimeerde] stelt dat dit ten aanzien van de herstelmaterialen moet worden geduid als een rechterlijke erkenning, naar het hof begrijpt als bedoeld in artikel 154 Rv Pro, nu de brief van 5 januari 2015 als een op 21 januari 2015 genomen akte is aangemerkt.
Het hof stelt vast dat partijen het eens zijn over het feit dat de deskundige onderzoek moet doen naar de herstelwerkzaamheden en kosten betreffende de specifieke badkamer van [geïntimeerde] . Door [appellant] is niet betwist dat het te verwijderen sanitair en meubilair zou worden hergebruikt, zodat dit aspect in zowel vraag 1 als 2 zal worden ingeweven.
Door [appellant] is betoogd dat het er om gaat dat conform de opdracht is gewerkt. Het huidige resultaat hoeft niet hetzelfde te zijn als van [appellant] mocht worden verwacht, aldus [appellant] .
zagenvoor deze
snijdenvoor deze specifieke badkamer?
Nu [appellant] op basis van een toevoeging rechtsbijstand procedeert zal echter aan hem gezien artikel 195 derde Pro zin Rv geen voorschot worden opgelegd. [geïntimeerde] zal wel de helft van het door de deskundige begrote bedrag als voorschot worden opgelegd.
16.De uitspraak
Welke van de werkzaamheden die zijn opgesomd in de verklaring van [bouwbedrijf]
snijdenvoor deze specifieke badkamer ?
en ten aanzien van de conceptrapportage– partijen in de gelegenheid stelt opmerkingen te maken en verzoeken te doen, en dat uit het schriftelijk bericht van de deskundige moet blijken of aan dit voorschrift is voldaan, terwijl in het bericht tevens melding wordt gemaakt van de inhoud van zodanige opmerkingen en verzoeken;
drie maandennadat door de griffier is bericht dat met het onderzoek kan worden begonnen;
bij brief aan de griffier van dit hofmet afschrift aan de wederpartij (die binnen twee dagen hierop kan reageren bij brief aan de griffier van dit hof met afschrift aan de wederpartij)tegen de hoogte van het voorschot bezwaar heeft/hebben gemaakt, in welk geval het hof op het bezwaar/de bezwaren zal beslissen en de hoogte van het voorschot zal bepalen;
€ 500,=,