ECLI:NL:GHSHE:2015:3676
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep in geschil over huur bedrijfsruimte
In deze zaak gaat het om een geschil tussen partijen over een huurovereenkomst van een bedrijfsruimte die liep van 1 december 2010 tot 1 augustus 2012. De kantonrechter heeft op 14 mei 2014 een vonnis gewezen waarin onder meer is bepaald dat een incidentele vordering van appellante geen verdere behandeling behoeft en dat de vorderingen van appellante in reconventie tot schadevergoeding worden afgewezen. De kantonrechter hield verdere beslissingen aan en gaf partijen gelegenheid om nadere toelichting en bewijsstukken te overleggen.
Appellante stelde hoger beroep in tegen dit vonnis. Het hof heeft onderzocht of het tussenvonnis waartegen hoger beroep is ingesteld, daadwerkelijk vatbaar is voor hoger beroep. Het hof concludeerde dat het vonnis geen deelvonnis is en dat er geen toestemming is gegeven voor tussentijds hoger beroep zoals vereist volgens artikel 337 Rv Pro.
Daarom verklaarde het hof appellante niet-ontvankelijk in haar hoger beroep en veroordeelde haar in de kosten van het hoger beroep. Het arrest werd uitgesproken op 22 september 2015 door het Gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: Appellante is niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep tegen het vonnis van 14 mei 2014.