ECLI:NL:GHSHE:2015:287
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- A.P. Zweers-van Vollenhoven
- L.Th.L.G. Pellis
- A.J. Coster
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek toelating schuldsaneringsregeling wegens ontbreken 284 en 285 verklaring en twijfel aan goede trouw
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Limburg, waarin zijn verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling werd afgewezen. De rechtbank oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij te goeder trouw was ten aanzien van het ontstaan van zijn schuldenlast, mede vanwege een opgelegde boete door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat hij wel te goeder trouw is geweest en dat toelating tot de schuldsaneringsregeling hem de kans biedt zijn financiële situatie te verbeteren. Het hof heeft echter vastgesteld dat appellant heeft nagelaten de vereiste verklaring ex artikel 284 en Pro 285 Fw te overleggen, waardoor niet kan worden vastgesteld wat zijn totale schuldenlast is, of hij een minnelijk traject heeft doorlopen, en wat de aard en ontstaansgeschiedenis van zijn schulden is.
Gezien het ontbreken van deze verklaringen en de ernst van de omstandigheden acht het hof het niet aannemelijk dat appellant te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van zijn schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek. Daarom wordt het vonnis van de rechtbank bekrachtigd en het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling af wegens ontbreken van de vereiste verklaringen en twijfel aan goede trouw.