Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. C/04/120412/ HA ZA 13-5)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met één productie;
- de memorie van antwoord met één productie.
3.De beoordeling
).
dat cliënt zich uitdrukkelijk alle rechten voorbehoud voor wat betreft de nakoming van de verbintenis uit de wet ontstaan als gevolg van de beroepsfout die destijds door de desbetreffende operateur werd gemaakt. Een en ander betekent dat de verjaring wordt gestuit, alle bescheiden betrekkelijk tot de ingreep en alles wat daarbij behoort dienen uwerzijds te worden bewaard.”
bij goed onderzoeken van de hals van de galblaas deze structuur te verwisselen met de hoofdgalweg. Immers, door de galblaas aan te haken wordt de hals van de galblaas opgerekt en duidelijk zichtbaar, in ieder geval duidelijk voelbaar. Deze structuur verwisselen met een andere structuur, en met name de hoofdgalweg, mag een chirurg niet overkomen (…)”.
Letsel van de ductus hepato choledochus tijdens een laparoscopische of open cholecystectomie is een zeldzame doch meest gevreesde complicatie van deze operatie en wordt in de literatuur vermeld met een frequentie van 0,4 tot 0.7% van de gevallen. In Nederland is daar uitgebreid onderzoek over gedaan door [chirurg van het AMC] et al. De complicatie hoeft niet direct een gevolg te zijn van onzorgvuldig handelen maar wordt ook wel beschouwd als een complicatie intrinsiek aan de operatie die ook een redelijk bekwaam chirurg kan overkomen. Echter door een systematische en zorgvuldige operatietechniek kan deze complicatie tot vrijwel 0% worden terug gebracht.
“de procedure blijkt scopisch niet goed uitvoerbaar zodat wordt overgegaan op een conventionele, open procedure”. Het operatieverslag vermeldt niet waarom de laparoscopische procedure wordt afgebroken. Het operatieverslag vermeldt ook niet of een poging is ondernomen om in de literatuur beschreven “critical view of safety” te bereiken en met name of in de galblaasregio laparoscopisch is gemanipuleerd en mogelijk clips zijn geplaatst. Na de conversie tot een open operatie wordt vermeldt dat de ductus cysticus en arteria cystica worden geïdentificeerd doch in retrospectief blijkt hier van een misidentificatie sprake te zijn. Het converteren van een laparoscopische naar een open procedure kan als bewijs van zorgvuldigheid worden opgevat, echter niet kan worden vastgesteld of het letsel voor of na de conversie is opgetreden. Feit blijft dat er een medische fout in de operatieve benadering is gemaakt met voor de patiënt zeer ernstige gevolgen.(…) Bij adequaat medisch handelen zouden geen gevolgen of beperkingen zijn opgetreden (…).”
Ik heb de röntgenopnames van de ERCP opgevraagd en een afdruk bijgevoegd van de ERCP dd 09-08-05 en 29-08-05 (pré-operatief) en van 08-09-05 (postoperatief). Het valt op, dat de ductus cysticus vrij hoog, juist distaal van de bifurcatie, aftakt (…). Doorgaans is er enige ruimte tussen de bifurcatie en de plaats van de aftakking van de ductus cysticus (…). Bij ligeren van een zo hoge aftakking is de kans op laederen van de ductus hepatocholedochus communis groter. (…). Ik veronderstel dat de ductus cysticus zo krap op de ductus choledochus is geligeerd, dat de ligatuur tevens om de opgetrokken ductus choledochus is gelegd.”
Zelfs als collega [collega van behandelend chirurg] gelijk heeft met zijn stelling, dat de uitgang van de afvoergang van de galblaas naar de gang tussen lever en twaalfvingerige darm zeer hoog was gelegen, (hij concludeert dit aan de hand van afbeeldingen waar wij niet de beschikking over hebben) en dat daardoor het risico van tevens onderbinden van de gang tussen lever en twaalfvingerige darm, samen met de afvoergang van de galblaas naar deze verhoogd was, ontslaat dit niet de chirurg van de verplichting om enerzijds deze bevinding mee te nemen in zijn beoordeling, en anderzijds daar expliciet melding van te maken. Nergens blijkt dat de heer [de behandelend chirurg] met dit gegeven rekening heeft gehouden. Dan wel aan deze mogelijkheid heeft gedacht. (…) Ontstekingen en verklevingen rond de galblaas worden bij operaties geregeld gezien (…) Dit gegeven op zich kan dus niet de reden zijn voor een verkeerde afloop. Ook anatomische varianten in het gebied van de galblaas komen veel voor.(…).
alsde operateur nauwkeurig heeft vrijgeprepareerd en de structuren arteria en ductus cysticus heeft geïdentificeerd en de driehoek van Calot heeft geïnspecteerd en er toch beschadiging (in casu: afbinden) van de ductus hepatocholedochus optreedt, er sprake is van een complicatie, en dat de operateur
kennelijkniet heeft getwijfeld aan het juist uitvoeren van de ligaties, maar daarmee is nog niet verklaard hoe de fout in dit geval heeft kunnen plaatsvinden. Daaromtrent heeft het Sint Jans Gasthuis, behalve de afwijkende anatomie bij [appellant] , niets gesteld, zodat een bewijsopdracht niet aan de orde is.
Het hof concludeert mitsdien dat vast is komen te staan dat [de behandelend chirurg] niet de zorgvuldigheid heeft betracht die van een redelijk bekwaam en redelijk handelend chirurg bij een operatie als bij [appellant] mocht worden verwacht.
“(…) Aanhaken van de galblaas. Identificeren en ligeren van de ductus en arteria cystica. Doornemen van deze structuren waarna(…)”. In het verslag lijkt niet te worden vermeld
welkeductus is geligeerd en doorgenomen. In het operatieverslag wordt geen melding gemaakt van een afwijkende anatomische structuur bij [appellant] , noch wordt deze afwijkende structuur, voor zover van belang, beschreven.
Wat mij in het operatieverslag verbaasde is dat er bij een kennelijk lastige cholecystectomie waarvoor conversie noodzakelijk is zo weinig over de vitale structuren wordt vermeld. Ik zou minstens vermeld willen zien: het waarschijnlijke beloop van de ductus hepatocholedochus en de separate identificatie van de ductus cysticus alsmede een beschrijving van het beloop van de arteria hepatica (…).”
“(…) Patiënt (…) werd in april 2007 nog op de poliklniek gezien (…) Bij onderzoek is er behalve locale drukpijn geen afwijking (…)”Voor zover het het door [appellant] gevorderde smartengeld betreft, heeft het Sint Jans Gasthuis de hoogte daarvan betwist.
- de benoeming van een deskundige, te weten een chirurg dan wel een maag darm lever arts, om te rapporteren over de medische situatie van [appellant] en de oorza(a)k(en) van zijn klachten, waarna eventueel ook nog een rapportage van een verzekeringsgeneeskundige noodzakelijk is om de beperkingen van [appellant] voor zover deze voortvloeien uit zijn medische situatie in kaart te brengen;
- een inlichtingen comparitie, welke comparitie tevens zal worden benut om de mogelijkheid van een schikking te onderzoeken;
- partijen komen op basis van hetgeen het hof inmiddels heeft beslist, zelf tot overeenstemming aangaande de te vergoeden schade.