ECLI:NL:GHSHE:2015:2631
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na vrijspraak
In deze strafzaak heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het hoger beroep behandeld tegen een eerdere beslissing van de rechtbank Maastricht inzake een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. De veroordeelde was in de hoofdzaak volledig vrijgesproken door het hof in een apart arrest van dezelfde datum.
Het Openbaar Ministerie had in eerste aanleg een vordering tot ontneming van € 39.000,- ingesteld, later opgevoerd tot € 47.000,- in hoger beroep. De verdediging stelde dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk was wegens het ontbreken van een appelschriftuur, maar het hof oordeelde dat het OM ontvankelijk bleef gezien de aard van de zaak en de inhoud van de processtukken.
Uiteindelijk vernietigde het hof het vonnis waarvan beroep en wees de vordering tot ontneming af omdat de veroordeelde in de hoofdzaak volledig was vrijgesproken, waardoor geen grondslag bestond voor ontneming. Het Salduz-verweer van de verdediging behoefde geen nadere bespreking meer.
Deze uitspraak bevestigt dat een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel niet kan worden toegewezen zonder een veroordeling in de hoofdzaak.
Uitkomst: De vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel wordt afgewezen wegens volledige vrijspraak in de hoofdzaak.